Inhoudsopgave
Gezondheid
Behandeling van konijn dat niet wil eten
Keutels
Maden ziekte
Verstopping
Darmimmobiliteit
Darmvliesontsteking
Alle pagina's

De behandeling van een konijn dat niet wil eten

Oorzaak     


Een konijn dat niet eet, is een veel voorkomend verschijnsel. Natuurlijk is deze anorexie geen ziekte op zichzelf; het kan veroorzaakt worden door een groot aantal omstandigheden, vooral als daarbij pijn optreedt.
Het huiskonijn is lichamelijk en geestelijk een prooidier, en zal hetzelfde op pijn en stress reageren als zijn voorouders. Een erg gestresst konijn kan een daling van zijn lichaamstemperatuur krijgen, een slechte zuurstofvoorziening van de nieren, en een toename van de catecholamineproductie (*"stresshormonen, bijvoorbeeld adrenaline). Het achterhalen van de oorzaak van de anorexie vereist een goede anamnese, een grondig lichamelijk onderzoek en verschillende aanvullende onderzoeken. In mijn praktijk zijn de meest voorkomende oorzaken van anorexie bij konijnen tandaandoeningen, aandoenngen van het spijverteringsstelsel (stasis in de maag, ileus, complete obstructie), aandoeningen van urinewegen en geslachtsorganen, leveraandoeningen, nieraandoeningen, aandoeningen van de luchtwegen, ernstige pododermatitis, artritis, botbreuken en het eten van giftige stoffen. Het is erg belangrijk om het konijn qua voeding te ondersteunen , om leververvetting te voorkomen of te verminderen, en om een goede functie van het spijsverteringsstelsel te behouden.

Ziektegeschiedenis

Het is essentieel om te beginnen met een goede anamnese (*het afnemen van de ziektegeschiedenis). Zorg voor een gedetailleerde beschrijving van de omgeving, zoals hoe de kooi ingericht is, waar het konijn allemaal kan komen, andere dieren die in dezelfde kooi leven, andere dieren in huis, en hoe vaak het konijn opgepakt wordt. Konijn geven de voorkeur aan een koele omgevingstemperatuur tussen 16 en 21 °C. Als de omgevingstemperatuur te warm wordt (boven 24 °C), vooral als er ook een hoge luchtvochtigheid is, kan het konijn stoppen met eten.
Let op of het konijn bij giftige stoffen kan komen, zoals giftige planten en verf.
Als het konijn zindelijk is, kan het eten van klontvormende kattenbakkorrels het spijsverteringskanaal hebben afgesloten.
Te weinig lichaamsbeweging en een vochtige, vervuild kooibodem kan tot pijnlijke poten leiden.
Kooigenoten kunnen het konijn verhinderen om te eten, en kunnen stress veroorzaken door agressie.
Andere dieren in huis, vooral honden, kunnen een konijn terroriseren.
Te veel en onjuist oppakken van het konijn kan tot stress leiden, of zelfs tot verwondingen.
Konijnen die buiten komen staan bloot aan een verscheidenheid aan parasieten en roofdieren.
Ga na wat voor voeding het konijn krijgt, inclusief de merken de hoeveelheden die gevoerd worden, waar het gekocht wordt en hoe het voer bewaard wordt. Vaak wordt vergeten de konijnensnoepjes te vermelden (vooral die snoepjes die rijk zijn aan koolhydraten en vet), die echter wel een belangrijke rol kunnen spelen in het ontstaan van aandoeningen van het spijsverteringsstelsel.
Konijnen weigeren vaak vervuild voedsel te eten; ze bemerken de vervuiling aan de geur van het voedsel, nog voor de eigenaar dit opmerkt.
Plotselinge veranderingen in het menu van het konijn kunnen ertoe leiden dat het dier stopt met eten.
Konijnen kunnen ook weigeren te eten als ze gedurende 24 uur of langer geen water tot hun beschikking hebben, bijvoorbeeld door bevroren waterflesjes of geblokkeerde kogeltjes van flesjes. Ook kunnen konijnen geen water drinken, omdat ze vinden dat het vies smaakt, bijvoorbeeld als er medicijnen of voedingsupplementen aan toegevoegd zijn.

Klinische symptomen
Kijk goed naar de symptomatologie. Een geleidelijk begin van de anorexie kan op een chronische aandoening wijzen; dit in tegenstelling tot een acuut begin (binnen 24 uur of minder), wat een spoedsituatie is als er ook duidelijke gedragsveranderingen aanwezig zijn. Vaak ziet de eigenaar een geleidelijk afnemend aantal harde keutels, die ook kleiner worden, voordat opgemerkt wordt dat het konijn niet meer eet. De aanwezigheid van zachte ontlasting wijst op een milde tot matige aandoening van het laatste gedeelte van de darm. Een acuut begin met waterige diarree wijst op een levensbedreigende enteritis of een ernstige systemische ziekte. Let op veranderingen in de frequentie van het plassen, en op de plaats waar het konijn plast. Normale konijnenurine kan soms een rood-oranje kleur hebben door plantpigmenten of porfyrine; dit moet onderscheiden worden van bloed in de urine. Kijk of het konijn moeite heeft om het voedsel te verwerken (bijvoorbeeld met het hoofd in de voeder- of waterbak hangen, langzamer eten, alleen kleine stukjes eten, voedsel uit de mond laten vallen). Bepaal of er tekenen zijn dat het konijn pijn heeft (bijvoorbeeld een verminderde activiteit, ineengekrompen houding, hard met de tanden knarsen).

Diagnostische tests

Het kan nodig zijn dat één of meer aanvullende onderzoeken verricht worden om de oorzaak van de anorexie te bepalen. Als de patiënt erg gestresst is of veel pijn heeft, kan veel manipuleren om materiaal voor tests te verkrijgen, de situatie verergeren. Pijnstillers, narcose of sedatie (*een roesje) om de kans op stress en mogelijke verwondingen te minimaliseren moeten gebruikt worden, vooral bij procedures als het maken van röntgenfoto's en het plaatsen van een catheter in een bloedvat of in de mond. Het gebruik van isoflurane (gasnarcose) is waarschijnlijk de veiligste keuze.

Er zijn veel verschillende aanvullende tests beschikbaar voor dit soort patiënten, zoals röntgenfoto's, echografie, bloedonderzoek, biochemische bepalingen in het serum, urine-analyse en het inzetten van kweken. Naar mijn mening zijn röntgenfoto's de meest waardevolle optie om de oorzaak van anorexie bij een konijn te bepalen (omdat veel pijnlijke aandoeningen radioplogisch afwijkingen laten zien); toch wordt deze techniek niet zo vaak gebruikt. Zoals eerder gezegd is, zijn tandaandoeningen de meest voorkomende oorzaak van anorexie, door de pijn van te lange wortels van de kiezen, doorgegroeide kronen of haken op de kiezen. Als de kronen van de tanden er normaal uitzien, wordt er vaak aangenomen dat er geen tandaandoening aanwezig is. Helaas is dit niet waar; te lange wortels kunnen alleen aangetoond worden op een gedetailleerde röntgenfoto van de schedel. Ik neem minimaal één röntgenfoto in voor-achterwaartse richting, en één van de zijkant van de schedel bij konijnen met tranenvloed, afscheiding uit de neus, speekselvloed, pijn bij palpatie van de kaken, of een duidelijke afwijking van de tandkronen. Röntgenfoto's zijn erg nuttig voor het onderscheid tussen stasis in de maag of een ileus, en een obstructieve aandoening van het spijsverteringskanaal. Ook kunnen de foto's skeletaandoeningen aan het licht brengen, zoals vertebrale spondylose (*degeneratieve veranderingen van de ruggenwervels), wat vaak bij oudere konijnen voorkomt. Aandoeningen van de urinewegen en de genitaliën kunnen vaak ook op röntgenfoto's gezien worden; onderzoeken met contrast helpen dan bij het stellen van de diagnose.

Behandeling

Het totale behandelplan voor een anorectisch konijn hangt af van de uiteindelijke diagnose; vaak heeft het konijn tijdens het diagnostisch proces al wat ondersteunende maatregelen nodig. Veel van deze patiënten moeten opgenomen worden; het is belangrijk om ze in een rustige omgeving te plaatsen, ver weg van blaffende honden en veel activiteit rond hun kooi. Geef ze een toiletbak met een vulling van papier of pellets, die ze als toilet en als schuilplaats kunnen gebruiken.

Konijnen die niet eten hebben vaak een hypomobiliteit (*verminderde beweeglijkheid) of stasis (*geen beweeglijkheid) van het spijsverteringskanaal, waardoor in een snel tempo leververvetting kan optreden. Hierbij komt nog eens, dat het voedsel wat eerder gegeten is (vooral in de maag en in de blindedarm) gedehydreerd kan raken en verstoppend kan werken, wat de toestand van het konijn compliceert. Het is belangrijk om onmiddellijk met voedsel geven te beginnen, behalve als vermoed wordt dat het konijn een obstructie in het spijsverteringskanaal heeft. Hooi en groenvoer leveren de broodnodige vezels en vloeistoffen om de darmperistaltiek te bevorderen en om de ingedroogde voedselmassa in de darmen te verweken. Leg vers hooi of alfalfahooi, samen met vezelrijke groente en fruit in de kooi. Veel anorectische konijnen, die nooit eerder hooi of groenvoer hebben gegeten, zullen deze dingen binnen enkele minuten opeten. De favorieten onder het groenvoer zijn Romeinse sla, paardebloemen, peterselie, het groen van wortels, appel en peer. Geef geen lichtgekleurde sla (bijvoorbeeld ijsbergsla), omdat dit vooral uit water bestaat en weinig voedingswaarde heeft. Een commerciële soort droogvoer kan in de kooi geplaatst worden, maar naar mijn ervaring is dit de minst geliefde voeding.

Het voeden van een anorectisch konijn

Zorg dat de darminhoud vochtig wordt
Geef veel onverteerbare vezels om de darmperistaltiek te bevorderen
Geef koolhydraten om de patiënt weer in een positieve energie balans te brengen
Corrigeer vloeistoftekorten als dat nodig is

Als het konijn weigert om zelf te eten, is het noodzakelijk om voedsel toe te dienen door een spuitje (zonder naald). Er zijn veel verschillende soorten dwangvoer bekend om het konijn te geven. Pompoen uit blik kan tijdelijk gebruikt worden als bron voor vezels, koolhydraten en vloeistof; het wordt meestal goed geaccepteerd door het konijn. Een voorbeeld van een complexere voedingsformule voor de langere termijn is een mengsel van gepureerde bladgroenten met alfalfapoeder of gemalen pellets, en een elektrolytenoplossing om het geheel vloeibaar te maken. Vermijd het gebruik van vetrijke, pasta-achtige voedingssupplementen, die vaak aan honden en katten worden gegeven. Het gebruik van laxerende middelen en eiwitafbrekende enzymen wordt door sommigen ook aanbevolen, maar ik heb hier zelf geen gunstige effecten van bemerkt.

Vloeistoftherapie

Vloeistoftherapie is bij deze patiënten vaak nodig. De onderhoudsdosering voor vloeistof is ongeveer 80 tot 100 mililiter per kilogram lichaamsgewicht per 24 uur. Vloeistoftekorten moeten geleidelijk worden aangevuld in een periode van 12 tot 24 uur. Subcutane vloeistoffen kunnen aan een mild gedehydreerde, wakkere patiënt gegeven worden; bij ernstiger gevallen moet intraveneus of intraossaal (*in het bot) vloeistof toegediend worden.

pijnstillers
 

Gebruik pijnstillers om de patiënt zich wat beter te laten voelen, en om de kansen op een succesvolle behandeling te vergroten. Als de pijn eenmaal minder is, kan het konijn zich zichtbaar ontspannen en gaan eten. Pijnstillers zijn vooral van belang bij tand-, skelet- en spijsverteringsproblemen.

                                         

Darmstimulators
 

Medicijnen die de darmperistaltiek stimuleren kunnen de normale peristaltiek helpen terugkeren, vooral in geval van een ileus of een stasis in de maag. Gebruik deze middelen niet als een complete obstructie vermoed wordt. Twee veel gebruikte medicamenten zijn Primperan (0,2-1,0 mg/kg/8 uur, subcutaan of oraal) en Cisaral drops (0,25-0,5 mg/kg/2-4x daags, oraal). Omdat deze medicijnen effect hebben op verschillende gebieden, kunnen ze gelijktijdig gebruikt worden, wat vooral nodig kan zijn in middelmatige tot ernstige gevallen van ileus.

Vitaminetherapie

Vitaminetherapie kan overwogen worden, vooral als het konijn al een langere tijd zijn caecotrofen (blindedarmkeutels) niet heeft gegeten. Geef vitamine-B complex; vitamine C kan een gunstig effect hebben doordat het de toxine-productie van Clostridium spiroforme remt, zodat het risico op enterotoxemie verminderd wordt.

Antibiotica
 

Antibiotica worden vaak gegeven aan alle anorectische konijnen. Ik heb de ervaring dat de meeste toestanden die tot anorexie leiden, niet terug te voeren zijn op infecties. Konijnen hebben een zeer fijn gereguleerde caecale darmflora, die al ontregeld is door de hypomobiliteit of de stasis van het spijsverteringskanaal. Het onnodig geven van antibiotica kan dan desastreus zijn. Hiernaast kan langdurig en onnodig antibioticagebruik leiden tot resistentie. Gebruik daarom antibiotica die veilig zijn voor het konijn, en alleen als het nodig is gebleken door diagnostische tests en klinische observatie.


Dwangvoeren      

Het woord zegt het al, dwangvoeren is een konijn onder dwang eten geven.
Vaak zul je van de dierenarts te horen krijgen dat je dat moet gaan doen.
Een konijn mag namelijk niet lang vasten, zeker niet langer dan 24 uur. Dan kan zijn hele spijsvertering stil komen te liggen en kan hij grote problemen krijgen die tot een vroege dood kunnen leiden.
Het kan ook zijn dat je zelf al in de gaten hebt dat je er aan moet gaan beginnen. Bijvoorbeeld als een konijn na een ingreep niet op gang wil komen.

Neem eerst zijn temperatuur op, want een Konijn met ondertemperatuur moet je juist niet dwangvoeren: hij moet dan eerst weer op een normale lichaamstemperatuur (38-39,5 C) komen met bijvoorbeeld een kruikje of een warmtematje. Een Konijn met ondertemperatuur kan namelijk geen eten verteren.

Bij de dierenarts kun je een product kopen dat Supreme Science Recovery Diet heet. Het is gemaakt door Russel. Dit product kan gebruikt worden om Konijnen mee te dwangvoeren.
Je lost het op in water en je geeft het met een spuitje in. Ook kun je het als een dikker papje oplossen en proberen of je het met een lepel aan je konijn kunt geven. Je kunt het poeder over groente strooien en die aanbieden.

Het bevat een probiotica, een combinatie van levende bacteriën voor herbivoren wat mee helpt de darmflora te herstellen als die aangetast is door ziekte of door het gebruik van antibiotica.
Er zitten electrolyten in die de cellen rehydrateren. Het vezelgehalte is hoog om de maagdarmbeweging te stimuleren en de smaak is lekker doordat er van kruiden gebruik is gemaakt. Dit helpt mee om de stress van het dwangvoeren te verminderen.

Ook kun je een soepje van pellets maken.

Je neemt wat pellets (die groene brokjes die in het voer zitten, ook wel biks genoemd) en die zet je onder water (in lauw water lossen veel dingen makkelijker op).
Je maakt ze zo fijn mogelijk. Eventueel haal je ze door een zeef. Dan neem je een spuitje zonder naald, liefst met een zo groot mogelijke opening.

Je vult het met een ongeveer 2 cc Recovery of soepje, en dat spuit je voorzichtig in de zijkant van de bek van het konijn. Niet te snel, want dan kan hij zich verslikken en dat is gevaarlijk.

Voor nog meer smaak en wat extra vitamine kun je ook nog babyvoeding toevoegen zoals wortelhapje of fruithapje, als je maar oplet dat er geen of zo min mogelijk dierlijke eiwitten inzitten en weinig tot geen toegevoegde suiker. Als een ziek konijn slecht of niet drinkt, kun je eventueel een druppeltje siroop waaraan geen suiker is toegevoegd bij het water doen.

Het makkelijkste is vaak de Handdoek-truc. Als het konijn in de handdoek zit leg je je ene hand over zijn kop en stuurt zijn kop in de richting van de spuit. Niet te ver naar achteren ook vanwege het verslikkingsgevaar.
Dan druk je het spuitje leeg.
Per keer kun je 2 of 3 van die spuitjes geven. Dit kun je ieder uur of iedere 2 uur herhalen. Het belangrijkste is dat er wat in blijft komen, liefst op een regelmatig tijdstip.

Ondertussen blijf je proberen je konijn weer zelf aan het eten te krijgen. Lekkere groentes zijn bijvoorbeeld peterselie,wortelgroen en andijvie. Als je die ook nog extra nat maakt, krijgt hij nog wat meer vocht binnen.
Ook hooi is erg belangrijk, vooral vanwege de vezel, dus probeer dat er ook in te krijgen. Vaak werkt het al als je zijn neus kriebelt met een spriet, dan hapt hij vaak uit pure nijd erin en knabbelt hem vervolgens op.
Vaak moeten ze uit een dip komen en als ze dan eenmaal beginnen te eten, gaan ze meestal wel verder.

 

                                      

 

 

 

Als je je konijn moet dwangvoeren of je hem een pil moet geven kan dat problemen geven.
Hij kan vreselijk gaan tegenspartelen zodat het, bij dwangvoeren, meer energie kost dan het oplevert of er meer medicijn op het konijn komt dan er in.

De handdoek-truc komt dan goed van pas.

Je neemt een handdoek die groter is dan het konijn, maar niet veel groter. Bij dwergjes kun je ook een theedoek nemen. Verder zijn drie (luier) veiligheidsspelden ook handig.
Je zet het konijn op de handdoek en slaat een flap om zijn voorpoten heen en rolt de handdoek om hem heen.
Het makkelijkste is om het eerst in zijn nek de handdoek dicht te spelden. Houd er een vinger tussen, maar doe hem wel strak.
Daarna speld je de handdoek boven op zijn rug vast en eventueel een stukje lager nog een keer.
Je kunt Pakje Konijn zo ook nog in bijvoorbeeld de gootsteen zetten of in een kleine bak.
De meeste konijnen zullen nu rustig blijven omdat ze merken dat ze geen kant op kunnen.

Dwangvoeren of medicijnen geven zal nu hopelijk wat makkelijker gaan.

Een stap voor stap handdoekentruc:

Stap 1:
Zet het Konijn op de handdoek

 

 

Stap 2:
Vouw de handdoek om het Konijn heen en speld die vast.

 

 Stap 3:
Pakje Konijn.   

 

 

Stap 4:
Dwangvoeren:je spuit langzaam wat voer in zijn muiltje .Doe dit vanaf de zijnkant, net achter de voortanden. Vanaf de voorkant zou het direct in de luchtpijp kunnen komen en kan het Konijn stikken.

 

Stap 5:
Je kunt ook proberen iets uit de hand te geven (of van een plastic lepel)

Keutels

Konijnen keutelen.
Een volwassen konijn kan wel 300 - 360 keutels per etmaal produceren. Denk dus niet te snel dat je konijn onzindelijk is, waarschijnlijk ligt het merendeel van de keutels wel in zijn bak.

 

Haarbal? Traagwerkend darmstelsel!

De diagnose "haarbal" wordt bij konijnen meestal snel gesteld. Gelukkig verdiepen steeds meer dierenartsen zich in de werking van het darmstelsel van het konijn, en concluderen dat dit een foute benaming is. Een konijn heeft geen haarbal zoals bij katten enz. voorkomt. Een obstakel in de maag bij een konijn bestaat uit voedsel met haar. Dit obstakel ontstaat alleen, als de werking van het darmstelsel te traag is. Dus niet de "haarbal" is het probleem, maar de te trage werking van de darmen is het probleem.

VERSTOPPING 

Symptomen: het konijn heeft steeds minder eetlust, de keutels worden kleiner en minder, of er komen geen keutels meer. In het begin hoeft het konijn zich nog niet ziek te gedragen.

HOE ONTSTAAT EEN VERSTOPPING

Over het algemeen wordt een verstopping veroorzaakt doordat het darmstelsel te traag werkt. De reden van een te traag werkend darmstelsel is meestal een tekort aan vezels in de voeding. Ook gebitsproblemen kunnen een reden zijn van minder goed eten en als gevolg daarvan het trager werken van de darmen. Pijn vanwege gebitsproblemen geeft namelijk stress die de darmbeweging direct vertraagt. Wanneer de darmen te traag werken kan, vooral in de ruiperiode, overmatig opgelikt vachthaar de boel gaan stagneren. Behalve haar kunnen er nog andere redenen van stoornissen in het maagdarmstelsel zijn, zoals een gehele of gedeeltelijke blokkade door onbekend materiaal (bijv. stukjes tapijt, karton), verklevingen na operaties, darmparasieten en vergiftiging (bijv. lood). Het is belangrijk uw konijn goed door uw dierenarts te laten onderzoeken (evt. rontgenfoto) om precies te weten wat er aan de hand is en de behandeling hierop af te stemmen.

WAT GEBEURT ER

Als de darmbeweging te traag is, blijft het voedsel te lang in de maag.  Het konijn heeft een vol gevoel in de maag en wil niet of nauwelijks meer eten, daardoor gaan de darmen nog langzamer bewegen, of vallen stil. Het konijn stopt nu met eten en vaak ook met drinken. Het lichaam heeft toch vocht nodig, en ontrekt dat nu onder meer aan de onverteerde voedselbestanddelen die in de maag aanwezig zijn. Hierdoor kan de voedselmassa in de maag uitdrogen en veranderen in een massieve, stevig vastklevende massa die niet in beweging te brengen is. Bij het voedsel wat zich nog in de darmen bevindt gebeurt precies hetzelfde.  

SYMPTOMEN VAN EEN TRAAGWERKEND DARMSTELSEL

De symptomen van een te traag werkend darmstelsel zijn steeds kleiner wordende keutels, terwijl de hoeveelheid doorgaans sterk vermindert. Aan het gedrag van het konijn valt nog niet veel te merken: het is opgewekt en levendig en wil nog steeds kranten scheuren of aan dingen knagen. Wel zal meestal de eetlust afgenomen zijn of wordt het voedsel met lange(re) tussenpozen gegeten. Op een gegeven moment worden de keutels piepklein en blijven tenslotte uit; op dit punt eet het konijn nauwelijks of helemaal niet meer. Mogelijk verschijnen er af en toe nog wat zachte, puddingachtige keutels. Het uitblijven van de keutels betekent dat de darmen niet meer bewegen; het traagwerkende darmstelsel is uitgemond in darmstilstand ofwel darmimmobiliteit. Aan deze toestand moet snel iets gedaan worden want anders zal het dier snel erg ziek worden en sterven.  

Het spijsverteringsstelsel van een konijn kan maximaal 24 uur zonder voedsel. Daarna gaat het mis.

VERSTOPPING: DE BEHANDELING 

Er kan onderscheid gemaakt worden tussen een beginnende en een volledige verstopping, en beide hebben een verschillende aanpak nodig.  

Beginnende verstopping
De typische symptomen van een beginnende verstopping zijn dat de keutels steeds kleiner worden en het aantal wordt (meestal) steeds minder. De keutels zijn hard (uitgedroogd) en hebben vaak grillige vormen en/of kunnen als een kettinkje aan elkaar zitten. Het konijn heeft op dit punt al vaak een verminderde belangstelling voor voedsel of doet langer over het eten (eet in etappes). Het vertoont afgezien daarvan geen afwijkend gedrag. Het is belangrijk dat een konijn met een beginnende verstopping veel vochtige vezels te eten krijgt om de darmwerking te versnellen, dus veel hooi en nat gemaakt groenvoer. Droogvoer kan nu beter tijdelijk achterwege gelaten worden. Let op dat je konijn goed blijft drinken, anders moet extra vocht gegeven worden; dit doe je al enigszins door het groenvoer nat aan te bieden.
Geef daarbij driemaal daags (door het voedsel) een enzym dat helpt het voedsel in het maagdarmstelsel af te breken.  Hiervoor kun je Prozyme gebruiken.

Eventueel kun je vers geperst ananassap gebruiken. Geef nooit sap uit pak of blik of iets dergelijks, dit bevat namelijk niet (meer) de nodige enzymen en kan zelfs door het suikergehalte voor grotere problemen, zoals een gasbuik, zorgen. Er zijn ook papaya enzym tabletten tegen haarballen bij katten in de handel, die voor dit doel te gebruiken zijn wanneer vaststaat dat het probleem door haaroverlast veroorzaakt werd. Je kunt deze een paar maal per dag als snoepje geven.

Wanneer je konijn te weinig eet kan het beter al wat bijgevoerd worden met hoogvezelig dwangvoer. Een pijnstiller is nuttig om je dier in een zo optimaal mogelijke conditie te houden.

 

Ananassap
Ananassap kan maar kort bewaard worden omdat anders de werkzaamheid afneemt. Elke dosering dient dan ook vers geperst te worden. Met een vork kunnen kleine stukken ananas zonder pitten platgedrukt worden. Het sap wordt opgevangen. Het is mogelijk om een grotere hoeveelheid te maken en dit in te vriezen. Ideaal hiervoor is een bakje of zakje waar u normaal gesproken ijsblokjes in maakt. Voor de dagelijkse doseringen kan dan telkens een ijsblokje sap ontdooid worden. Ananassap wordt in kleine hoeveelheden (een paar ml) enkele keren per dag oraal toegediend, met een injectiespuitje zonder naald. Ananassap is nogal scherp en kan branden, daardoor kan de huid rond de mond kaal en ontstoken raken wanneer er gemorst wordt. De ananas mag niet te onrijp zijn maar beslist ook niet te rijp. Een te rijpe ananas bevat teveel koolhydraten in de vorm van suikers, wat vooral nu gasvorming kan veroorzaken.

Het is zinvol om een laxeermiddel te geven. Hiervoor kan het beste gekozen worden voor middelen op basis van lactulose zoals Tractonorm of Laxatract. Deze middelen hebben geen schadelijk effect op de darmwand en zijn osmotisch, dat wil zeggen dat ze vocht aantrekken. Hierdoor wordt de darminhoud smeuiig maar krijgt ook meer massa, waardoor de darmbeweging gestimuleerd wordt. Het is nodig dat een konijn dat deze laxeermiddelen krijgt voldoende eet en vooral drinkt, desnoods door middel van dwang. Beter kunnen geen laxeermiddelen gegeven worden op basis van vaseline (zoals Laxapast) en ook geen paraffine, want deze middelen tasten bij langer gebruik de darmwand aan.
De dosering van Tractonorm en Laxatract mag 3x daags ca. 1 ml. per kg. lichaamsgewicht zijn.

Wanneer de darm niet pijnlijk opgezwollen is, is het nodig een darmstimulerend middel te geven zoals Metocloral drops (of Primperan) of Cisaral drops. De dosering is 0,5 ml. per kg. lichaamsgewicht elke 6 uur, later af te bouwen naar elke 12 uur.
Deze middelen stimuleren de maag zich sneller te legen in de darmen, waardoor hopelijk de darmen steviger gaan bewegen en de blokkade meegevoerd wordt. Het beste kan dit in eerste instantie door middel van een injectie toegediend worden, verder worden meestal tabletten of orale vloeistof voor thuisgebruik gegeven omdat het praktischer is voor de eigenaar

Nazorg bij beginnende verstopping
Zodra de keutels groter en talrijker worden, kan het laxeermiddel geminderd worden of achterwege gelaten. Het is verstandig minimaal eenmaal daags enzymen te blijven geven. Ook het darmstimulerende middel blijf je geven, hoewel je het aantal doseringen per etmaal voorzichtig af kunt bouwen. Droogvoer blijft nog steeds achterwege of wordt zeer minimaal gegeven; het hooi en vochtig groenvoer moeten hun goede werk doen in de darmen, en ze blijven aanzetten tot een stevige beweging. Worden de keutels toch weer kleiner en minder in aantal, dan is een laxeermiddel nog nodig. Pas als je konijn weer normaal keutelt, dus wanneer de keutels groot, talrijk, rond van vorm en niet uitgedroogd zijn, en het dier een uitstekende eetlust heeft, is het gevaar van een verstopping voorbij. Nu kun je stoppen met alle medicatie.

Volledige verstopping
Bij volledige verstopping komen er geen keutels meer.
Konijnen met een totale verstopping willen niet meer eten, en zullen zeker gedwangvoerd moeten worden. Door nat dwangvoer en enzymen wordt de blokkade hopelijk afgebroken danwel doorgevoerd. Het beste is om in dit stadium eerst voeding met juist weinig of geen vezels te geven, zodat er geen kans is dat de door vocht opgezwollen vezels blijven steken, en zodoende de blokkade vergroten. Hiervoor zijn voedingsmiddelen zoals Nutrilon soya (apotheek/drogist), babyvoeding tot zes maanden, bijv. wortelhapje (supermarkt), Juvenile (dierenarts) en Convalescence support (dierenarts) geschikt  Let wel: als de verstopping zich in de maag bevindt, moet met dwangvoeren opgepast worden in verband met maagoverlading. Het beste kun je 8 tot 12 maal per etmaal kleine beetjes (5-15 ml, afhankelijk van de grootte van je konijn) dwangvoer geven. Het dunne dwangvoer houdt de verstopping zacht en kan er hopelijk langs om de darminhoud te vergroten en de darmen in beweging te houden. Om uitdrogingsgevaar tegen te gaan kan het dwangvoer het beste worden aangemaakt met een elektrolytische oplossing, ofwel ORS-preparaat (een mengsel van glucose en zout, ook zelf te maken, zie hieronder) bij de dierenarts verkrijgbaar. Als je konijn niet of nauwelijks drinkt, moet het extra vocht toegediend krijgen, zodat de maagdarminhoud zacht blijft. Het beste kan een elektrolytische oplossing gegeven worden.

Een konijn heeft per etmaal minstens 50 ml. water per kg lichaamsgewicht nodig, wanneer het konijn niet genoeg wil/kan drinken is het nodig dat de dierenarts onderhuids vocht toedient. Een konijn met vochttekort wordt slap en apathisch.

Elektrolytische oplossing: zelf maken
Elektrolytische oplossingen zijn in geval van nood zelf te maken. Voeg aan 1 liter gekookt water 1 1/4 theelepel zout en 5 theelepels suiker toe, goed roeren zodat alles volledig is opgelost. Af laten koelen tot lauwwarm, dit is de temperatuur waarbij konijnen het drankje beter willen drinken.
De oplossing bewaren in de koelkast, je kunt er steeds wat van afnemen en ietsje opwarmen. Niet langer gebruiken dan 24 uur vanwege bacterievorming, dan weer nieuw maken

Verdere behandeling bij volledige verstopping
De laxeermiddelen, enzymen, probiotica, pijnstiller en darmstimulerende middelen zullen op precies dezelfde manier ingezet moeten worden als beschreven is bij een dreigende verstopping, mits de darm niet opgezwollen en pijnlijk is. Het is verder zinvol om vitamine B-injecties te laten geven om de tekorten aan te zuiveren die ontstaan door het niet eten van de blindedarmkeutels. Let wel: vit.B werkt alleen in "familieverband", er dient dus beslist een vit.B-complex gegeven te worden waar de vit.B12 in voorkomt.

Dwangvoer
Wanneer er weer keutels komen, ook al zijn ze piepklein en misvormd, kan begonnen worden met het dwangvoeren van vezelig voer. Het speciaal voor konijnen ontwikkelde Supreme Science Recovery (dierenarts) is hiervoor uitstekend geschikt. Dit voer bevat 20% vezels en toegevoegde prebiotica en elektrolyten. Nog een geschikte biks om in dit geval te dwangvoeren is Supreme Science Selective, een zeer hoogvezelige en lichtverteerbare biks. Dit voer bevat ook prebiotica, en is zowel bij dierenarts als dierenzaak te koop. De biks zal voor het doel geweekt en fijngemaakt moeten worden. Ook papaya en pompoen bevatten veel vezels, en kunnen in het dwangvoer verwerkt worden. Omdat vezels de opening van een injectiespuitje zonder naald verstoppen, is voor het voeren van vezelig dwangvoer een spuit met een veel wijdere opening nodig, maar deze is in veel gevallen moeilijk te bemachtigen. Beter kun je een 1 ml. spuitje nemen en hier het tuitje afsnijden vlak voor de ronding waar het spuitje wijd wordt. Zo heb je een wijd gat waar vezeldwangvoer goed doorheen gaat, terwijl het spuitje nog steeds dun genoeg is om tussen de lippen van een onwillig konijn te stoppen.

 

Als het voeren niet lukt adviseer ik je om even naar www.vrijkonijn.nl gaan. Klik op 'stichting VrijKonijn'. Klik op zoekmachine (links onder). Typ in de zoekmachine "dwangvoeren". Op de pagina die dan opent klik je op 2: Konijn in handdoek. Je krijgt nu uitleg over het dwangvoeren en je ziet dan hoe je een konijn dat niet meewerkt in kunt pakken in een handdoek. De meeste konijnen worden op die manier erg gewillig. De foto's zijn heel erg duidelijk. Belangrijk is dat de handdoek strak genoeg zit zodat het konijn zich niet kan losworstelen, maar niet zo strak om de nek dat het dier het benauwd krijgt.

Gas tijdens verstopping
Zowel bij dreigende verstopping als bij volledige verstopping is het gevaar van gasvorming in maagdarmstelsel niet denkbeeldig. Doordat het voedsel te lang in het maagdarmstelsel blijft, krijgen pathogene bacteriën de kans om de massa in maag en/of darmen te laten gisten. Hier moet goed op gelet worden, bij het geringste vermoeden van gas zal een antigasmiddel gegeven moeten worden. In feite kun je beter preventief een paar maal per dag het  antigasmiddel Aeropax geven. Dit middel bevat de werkzame stof simethicon, een ander antigasmiddel mag niet bij konijnen gebruikt worden. Zie voor wijze van gebruik het artikel
gas bij konijnen.

Geef elke dag een probiotica, om de darmflora te helpen in evenwicht te blijven. Hiervoor kun je Protexin gebruiken, bij dierenarts te koop, of Aciforce van Vogel, bij drogist te koop.

Het is zelden nodig om antibiotica te gebruiken, vaak zorgen deze zelfs voor een verdere verstoring van het al zo geteisterde darmstelsel. Dus geef liever geen antibioticum 

Voorkomen is beter dan...
De kans op een verstopping wordt een stuk kleiner als het dier zoveel mogelijk vezels aangeboden krijgt, dus groenvoer en veel hooi, zo min mogelijk droogvoer en dagelijks volop vers water. Vezels en vocht zorgen voor een optimale darmwerking. Ook veel lichaamsbeweging stimuleert de darmbeweging. Verder moet tijdens de ruiperioden veel geborsteld worden, zodat het konijn zo min mogelijk haar oplikt.

Dit zijn gewone keutels, zoals die overal gevonden worden. Kleinere konijnen maken kleinere; grotere konijnen, grotere, maar de verschillen zijn niet heel groot.

De inhoud bestaat over het algemeen uit plantenresten, met wat stukjes vezel erin. Ook vind je meestal wat haar. Voor onze mensenneus ruiken ze vrijwel nergens naar.
Deze keutels worden gebruikt om te markeren. Konijnen hebben de neiging om een hele stapel op dezelfde plek te laten vallen om duidelijk aan te geven dat daar hun territorium is. Wij kunnen dit gedrag gebruiken om ze zindelijk te krijgen in huis.
Konijnenkeutels zijn goede mest. Als je een tuin hebt, kun je de keutels die je binnen opveegt, gewoon tussen de planten gooien. Maar je kamerplanten maak je er net zo blij mee.
Konijnen zijn coprofagen. Dat betekent dat zij een gedeelte van hun ontlasting opeten.
In feite is dit te vergelijken met het herkauwen van bijvoorbeeld schapen.
De keutels die opnieuw gegeten worden, zijn in de blindedarm gemaakt. Ze bevatten voor meer dan de helft darmbacteriën en voor eenderde eiwit, en verder nog plantenresten.
Ze worden in de maag opgenomen, waar ze uiteindelijk oplossen, en zo voeding vormen en helpen bij de spijsvertering. Ze zijn onontbeerlijk voor een konijn. Blindedarm- of nachtkeutels zijn zeer donker gekleurd, zacht, zitten in een trosje en ruiken sterk.

Bij tijd en wijle gaan konijnen in de rui. Ze verharen flink, het valt er soms met hele plukken uit. Ze wassen zich veel meer en krijgen dus heel wat haar binnen. Ze kunnen daar heel goed tegen. Het verschijnsel haarbal (trichobezoar) komt bij konijnen zelden voor. In de ruiperiode zie je wel vooral keutels van vreemde vormen of kettinkjes van misvormde keutels. Die kettinkjes zijn verbonden door haar.

 

 

 

                               

 

                                      

 

 

Verder kun je nog zien dat je konijn tijdens een periode van niet eten/ niet keutelen op een bepaald moment heel weinig, hele kleine misvormde keutels maakt. Dat is vaak een teken dat de spijsvertering weer langzaam op gang begint te komen.

Diarree

Wat diarree lijkt is vaak zachte (plak)poep of vastgeplakte nachtkeutels.
Konijnen kunnen ook echte diarree krijgen; die kan ontstaan door te plotselinge voedselwisselingen of doordat er iets verkeerds gegeten is. Parasieten of bepaalde ziektes kunnen ook diarree geven.
Het beste is dan om in ieder geval alleen hooi en water te geven en zo snel mogelijk contact op te nemen met de dierenarts.

Urine

Een konijn drinkt gemiddeld 100 ml water per dag. Dit moet er natuurlijk ook weer uit.
Konijnenurine kan heel veel kleuren hebben: het kan vrijwel wit zijn, maar het kan ook bijna donkerrood zijn. Dit komt voornamelijk door wat hij eet. Als konijnenurine opdroogt, blijft er vaak een wittige plek achter. Dit is voornamelijk kalk en makkelijk met azijn schoon te maken.

Konijnen likken vaak hun eigen urine op.

Ook gebruiken ze hun urine om er mee te markeren, ze zetten "vlaggen" uit, terwijl ze een rare sprong maken.
Ook wordt hun partner ondergesproeid.
Of hun baasje.
Allemaal van de liefde.

 

                                                                                    

DIARREE en andere problemen. 

 

Een vorm van diarree is zachte, plakkerige of nattige keutels, al dan niet afgewisseld met mooie droge keutels. Deze soort keutels zijn altijd verdacht en kunnen het beste zo snel mogelijk naar de dierenarts gebracht worden voor microscopisch onderzoek. Vaak is een parasiet veroorzaker van deze zachte en/of nattige keutels. Als er sprake is van coccidiose moet altijd zo snel mogelijk een geneesmiddel ingezet worden, omdat de toestand van een konijn anders binnen een paar dagen dramatisch kan verslechteren.
Ook na een antibioticum kuur kunnen de keutels er afwijkend uitzien omdat antibioticum de darmflora aantast. Een kuur met Probiotica kan helpen de darmflora weer in evenwicht te brengen.

ZACHTE UITWERPSELEN

Zachte blubberige keutels kunnen verschijnen wanneer een konijn bijv. een bepaalde groenvoer niet verdraagt. Bijkomende klacht kan buikpijn zijn, veroorzaakt door gas. Of het konijn is alleen wat minder enthousiast op eten. De remedie is het konijn een dag op hooi zetten en een antigasmiddel toedienen. Zijn de volgende dag de keutels nog niet in orde, dan is er meer aan de hand en moeten de keutels door de dierenarts onderzocht worden.

Hooithee.

(Hooithee is een tip van Arina Meinen, een bezoekster van deze site). Doe een flinke pluk hooi in een emmer, en giet daar kokend water over. Laat dat een paar uur staan, zeef het en vul de waterfles daar mee. Laat je konijn alleen hooi eten en hooithee drinken. Na een paar uur verse hooithee maken. De klachten moeten de volgende dag over zijn. Dit is uitsluitend een goede behandeling wanneer vrijwel zeker is dat de kwaal door groenvoer veroorzaakt wordt. Als de keutels de volgende dag nog zacht zijn is het heel verstandig om voor alle zekerheid deze door de dierenarts microscopisch te laten onderzoeken, om een parasiet of een bacterie uit te sluiten. 

Erge diarree: noodsituatie!

Het konijn wordt stil, eet niet of nauwelijks. Er zijn geen keutels meer of zachte keutels, maar een dunne, bruine massa, die meestal stinkt. Het konijn is aan de achterkant ook vuil. De oren zijn ijskoud. Dit is serieus!!!  Zorg dat je konijn drinkt. Een konijn dat aan de diarree is en niet drinkt droogt onmiddellijk uit. Bel de dierenarts, of ga naar hem/haar toe, doe dit zo snel mogelijk. Laat je niet afschepen. Als je een onwillige dierenarts treft, bel een andere, net zolang tot iemand wil helpen. Houd je konijn in de tussentijd warm, desnoods met kruiken, ook tijdens het vervoer. 

Het is verstandig om voor noodgevallen altijd injectiespuitjes zonder naald in huis te hebben. Die kun je bij de dierenarts vragen. Als het konijn aan de diarree is, en het drinkt niet zelf, moet je het spuitje vullen met water, en voorzichtig in de mondhoek van het konijn leegspuiten. Pas op dat het dier zich niet verslikt. Een konijn heeft heel weinig reserve, als het heel erg aan de diarree is, en het drinkt niet, kan het binnen een paar uur sterven. Aan het water kun je een heel klein beetje zout toevoegen. Dit water geven moet je steeds herhalen totdat je bij de dierenarts bent. NB dit zijn aanwijzingen voor als het konijn echt heel erg aan de diarree is, en misschien al een paar uur was voordat je het merkte.

Diarree, echt vloeibare poep, is slecht nieuws. Het kan een voedselkwestie zijn, bijv. bedorven voer of een vergiftiging, het kan VHS zijn, maar ook Coccidiose. Coccidiose is een ziekte die vooral bij jonge konijntjes voorkomt, en een dodelijke afloop kan hebben. Snel ingrijpen is geboden, de dierenarts kan, na vaststelling van de ziekte door middel van een microscopisch onderzoek van de uitwerpselen, er een geneesmiddel voor geven.

 

Hele kleine keutels

Keutels die steeds kleiner worden zijn een signaal dat de darmen niet genoeg bewegen. Hier moet serieuze aandacht aan besteed worden, want dit is een ernstig signaal. Het is een teken dat het voedsel niet goed doorgevoerd wordt door de darmen. 

Als de darmen niet goed werken zal de voedselmassa langzamer door het darmkanaal gaan. Het konijn voelt zich vol, en zal minder gaan eten. De darmen gaan nog minder bewegen en een vicieuze cirkel ontstaat. Op een gegeven moment stopt het konijn met eten en drinken, omdat de bijna stilstaande voedselmassa een vol gevoel geeft.

Als er helemaal geen voedsel opgenomen wordt stoppen de darmen met bewegen. Het lichaam heeft nog steeds water nodig en haalt dat nu uit de maag en uit de bestanddelen van de keutels. Het voedsel wat nog in de maag zit droogt uit en wordt een prop. Hoe langer een konijn niet eet, hoe meer hij uitdroogt en hoe harder de prop in zijn maag wordt. De oude voedselmassa geeft ook gas, wat pijnlijk is. Nog een reden voor het konijn om niet meer te eten.

Het is belangrijk dat een konijn altijd goed hooi eet (vezels) en genoeg drinkt. Genoeg beweging krijgt, zodat het lichaam optimaal blijft functioneren. Keutels die steeds kleiner worden... dit kan eindigen met helemaal geen keutels meer. En dan is het konijn al ver heen. Let dus altijd op de keutels!

 

Keutels die aan het achterwerk blijven plakken, of stinkende plakkeutels

Een konijn maakt twee verschillende soorten keutels, gewone en blindedarmkeutels. De gewone zijn hard en rond, de blindedarmkeutels zijn klein en donker, zitten vaak op een trosje aan elkaar en ruiken heel sterk (worden ook wel 'nachtkeutels' genoemd, maar dat is een verkeerde benaming). Deze keutels moeten eigenlijk rechtstreeks uit de anus gegeten worden, en ze zitten boordevol eiwitten, mineralen en bacteriën die een konijn nodig heeft om gezond te blijven.

 

                                

                                    

 

                            

                             te zachte blindedarm keutel

 

 

 

                                                                            

 

Wanneer te veel voer gegeven wordt wat te veel koolhydraten bevat (dat is al gauw het geval bij gemengd voer, maar ook bij brood en zeer zeker bij snoep!) raakt de blindedarmflora verstoord. De blindedarmkeutels worden dan zo zacht dat een konijn ze niet meer kan eten, en ze blijven aan het achterwerk plakken. Dat wordt op een gegeven moment een hele massa waar ook de gewone keutels in blijven plakken.
Wanneer een konijn selectief eet, dus alleen de lekkere dingen uit het voer eet, komt het dier belangrijke voedingsstoffen te kort.
De blindedarmflora raakt verstoord omdat die lekkere dingen veel suiker bevatten. Het konijn eet bij wijze van spreken alleen nog suiker.
Erg ongezond dus.


 

Afgezien van dat het heel vervelend is voor het konijn maar ook voor de eigenaar, omdat die het dier steeds moet schoonmaken, is het ook schadelijk voor het konijn. Blindedarmkeutels bevatten vitaminen die een konijn beslist nodig heeft, zoals vitamine B en K, en verder ook nuttige bacteriën die nodig zijn om de darmflora gezond te houden. Als het konijn dus de blindedarmkeutels niet kan eten komt het belangrijke voedingsstoffen te kort, die het nodig heeft. Op den duur kan het konijn dan allerlei kwalen krijgen en verandert het in een chronisch ziek dier. Verder loopt het konijn in de zomer gevaar op madenziekte.

Het eten van blindedarmkeutels is van levensbelang voor een konijn en het is dus belangrijk dat het van de kwaal afkomt. Dit is alleen mogelijk met een gezond dieet. Vaak is het al genoeg om minder hardvoer te geven, veel eigenaren geven teveel hardvoer aan hun konijn. Een konijn dat teveel gemengd voer krijgt en geen honger heeft, eet alleen de gekleurde dingen en laat de gezonde dingen liggen.
Een konijn vanaf 6-7 maanden heeft maar 20-25 gram hardvoer per kg. lichaamsgewicht per etmaal nodig. Dat lijkt weinig, maar is meer dan voldoende voor een konijn dat goed hooi eet. Het hardvoer kan in twee maaltijden verdeeld worden en 's morgens en 's avonds gegeven worden. Omdat het konijn honger krijgt zal het veel hooi gaan eten, en ook de hele etensbak netjes leegeten. Hierdoor wordt de darmflora weer gezond en verdwijnt de kwaal van de dunne blindedarmkeutel-rommel.

Wanneer een konijn last heeft van deze kwaal, is het dus verstandig om geen snoep meer te geven en het hardvoer drastisch te minderen. Het konijn gaat nu vanzelf veel meer hooi eten en dat is goed. Natuurlijk is het belangrijk dat het konijn hooi kan eten. Kan het konijn geen hooi eten dan is het voldoende om het hardvoer flink te verminderen. Dus geen volle bak neerzetten waar het konijn zolang over kan doen als het wil, en dan die bak steeds bijvullen. Hardvoer moet eerst op zijn voordat nieuw gegeven wordt, en dan ook alles. Dus niet alleen de lekkere dingen uit het voer en de bikskorrels laten liggen. Verder ook absoluut geen snacks geven, in welke vorm dan ook.
Binnen een week moet de kwaal dan een stuk verbeterd zijn, of over zijn. Is dat niet het geval, dan is het verstandig om het konijn een paar dagen op uitsluitend hooi en water te zetten. Dit kan ook alweer alleen als het konijn hooi kan eten. Vergeet niet dat konijnen slechte hooi-eters worden als ze hun buik vol hebben met hardvoer! Verbetert de kwaal, dan kan heel langzaam weer met een klein beetje voer begonnen worden, en kun je elke dag een beetje meer geven. Wanneer de kwaal weer ontstaat dan betekent het dat het konijn teveel voer krijgt en moet het weer iets minder hebben. Dit is dan de dagelijkse portie die het konijn verdraagt.

* Het is niet verstandig om voor deze kwaal antibioticum te geven, dat helpt niet.
- Voer je al verstandig en heeft je konijn toch te zachte blindedarmkeutels, dan kan dit veroorzaakt worden door pinwormen (Passalurus ambiguus) die in de blindedarm wonen. Hiervoor moet dan het antiwormmiddel Panacur gegeven worden gedurende minimaal 14 dagen.
* De dosering Panacur is 20 mg. per kg. lichaamsgewicht per 24 uur, verdeeld over tweemaal daags, dus elke 12 uur. .
* Panacur is het beste middel, een middel zoals Ivermectine of Iverquantel kan deze worm niet bestrijden.

-- ACHTERHAND WASSEN

Leg vóór het wassen altijd een of meer droge handdoeken klaar. Zet je konijn met het achterste in een bak warm (niet heet, niet lauw, maar lekker warm) water. Over het algemeen vindt een konijn dit niet eens zo erg. Even laten weken. De aangekoekte keutels worden zacht door het warme water en kunnen gemakkelijk uit de vacht worden gewreven. Desnoods kun je hiervoor huishoudhandschoenen aantrekken. Pas altijd op dat je konijn geen onverwachte, ongecontroleerde beweging met de achterhand kan maken. Het zal niet de eerste keer zijn dat een heftige draaibeweging met de rug een verlamming van de achterpoten veroorzaakt. Een rustig konijn laat zich goed wassen, maar bij een druk of angstig konijn kan dit werkje beter met twee personen gedaan worden: de één houdt het konijn om de borst en onder de achterhand vast en laat het in het water zitten, de ander wrijft de keutels uit de vacht.
Droog je dier heel goed af, en zorg dat het warm blijft totdat de vacht tot op de huid droog is.
Als het nodig is kun je de laatste restjes vervuiling voorzichtig met een schaartje wegknippen, maar pas op de tere huid van je konijn niet te beschadigen. --

Het is belangrijk dat je konijn van zijn/haar kwaal afkomt, want vaak wassen is niet goed, de vacht gaat vervilten en onder het vilt droogt het niet. Daar gaat het dan smetten en de huid gaat kapot. Dus ga over op een gezond dieet voor je konijn zodat het dier snel van de kwaal af is.

Miasis/ Myiasis (Maden ziekte)

 

OPGEPAST, MADEN!!

Als het warm weer wordt moet je vreselijk oppassen. Regelmatig overlijden konijnen aan de madenziekte (eigenlijk huidmadenziekte geheten, de officiële naam is myiasis) die veroorzaakt wordt door een blauw-groene vlieg, genaamd Lucilia sericata.

Aan het eind van de lente/begin zomer, wanneer de dagen warmer worden en de luchtvochtigheid hoger zie je overal de beruchte blauw-groene "strontvliegen" weer. Ze ruimen uitwerpselen op van katten, honden, kippen etc. Maar ze zoeken ook vieze achterwerken van andere dieren zoals schapen, kippen, konijnen, etc.

De vliegen zoeken konijnen met vieze achterwerken, of konijnen die de lucht van diarree of urine bij zich hebben. Ze leggen eitjes in aangekoekte uitwerpselen of in de viesruikende vacht, meestal in de onderkant van de staart, maar ook wel tussen de achterpoten. De maden die hier uitkomen eten zich binnen 4 uur een weg naar binnen en veroorzaken bloedvergiftiging. Zonder snelle behandeling kan een konijn hierdoor binnen twee dagen sterven.

Ook wondjes zijn gevaarlijk, daar worden ook eitjes in gelegd. Dus kijk je konijn na, zoek naar wondjes en behandel die. Houd het hok/de kooi schoon en zo reukloos mogelijk. Was het achterwerk van je konijn als het vies is. Hiervoor kun je je konijn met zijn kontje in een bak warm water zetten. De aangekoekte keutels worden zacht door het warme water en kunnen uit de vacht gewreven worden. Het beste gaat dit met twee mensen, de één houdt het konijn vast, de ander probeert zachtjes de onderkant schoon te wassen. Trek desnoods een rubberen huishoudhandschoen aan. Eventueel kun je een babyshampoo gebruiken, maar dan heel goed spoelen, zodat alle zeepresten verdwijnen. Droog je konijn daarna heel goed af..

Als je je konijn niet helemaal schoon en reukloos kunt krijgen kun je je konijn tegen vliegen beschermen door een fijne vitrage of vliegengaas over de verblijfplaats te hangen.

 

Voorzorg

Teveel blindedarmkeutels die dan blijven liggen
Probeer de kwaal te verhelpen, meestal ontstaat een overproductie aan blindedarmkeutels door voedingsfouten, vaak is de reden dat het konijn te dik is. Hij/zij kan dan niet goed meer bij de anus komen, waar de blindedarmkeutels rechtstreeks uit gegeten moeten worden. Meer oorzaken van het niet-eten van deze keutels kunnen gebitsproblemen zijn zoals doorgroeiende tanden of kiezen, haken aan kiezen, of pijn bij het buigen door een kwaal of een wond, of verdere onderliggende ziektes van het darmstelsel. 
Te zachte blindedarmkeutels die niet gegeten kunnen worden
Teveel koolhydraten zoals in konijnensnoep zit, maar ook in fruit en in gemengd voer, kan veroorzaken dat de blindedarmkeutels te zacht worden. Deze blijven dan als een dikke koek aan de achterhand plakken. Snoep kan daarom beter achterwege gelaten worden, fruit mag slechts zeer matig gegeven worden.
Gemengd voer mag slechts matig gegeven worden zodat het konijn alles opeet, en niet alleen de lekkere dingetjes er uithaalt en de bikskorrels laat liggen.

Diagnose

Let goed op of je groene vliegen in de buurt van je konijn ziet. Als dat het geval is weet je dat het foute boel is. Controleer of een groene vlieg aan het werk is geweest bij je konijn: vaak heeft je konijn dan een wondje in de buurt van de anus, of binnenkant van de achterpoten, en zie je maden. Verdere tekenen van besmetting zijn: vreemde kale plekken, apathisch gedrag van het konijn en gaatjes in de huid. De gaatjes zijn door de maden gemaakt.

Als dit geconstateerd wordt, dan onmiddellijk naar de dierenarts. Dit is een noodgeval!!! Dus ook als het avond is, of weekend. Veel dierenartsen hebben avond- of weekenddienst, en zullen je willen helpen.

Wacht je een dag met naar de dierenarts te gaan, kan dit voor het konijn dodelijke gevolgen hebben.

Behandeling.

De dierenarts zal het haar wegknippen, de wonden behandelen en de vliegenlarven verwijderen en/of doden met speciaal daarvoor bestemde middelen.

Als de madenaanval erg is zal er een breedwerkend antibioticum toegediend moeten worden, zoals Baytril, om een bacteriële ontsteking tegen te gaan. Soms is een kortdurend cortison nodig, en eventueel ivermectine, beide zijn alleen nuttig als zich maden in de diepte bevinden.

De stervende maden scheiden namelijk giftige stoffen af. Alle medicijnen moeten het liefst per injectie toegediend worden.

Deze middelen samen zorgen dat een madenaanval een goede afloop kan hebben. Ook als er geen maden meer te zien zijn kunnen er giftige stoffen in het lichaam achtergebleven zijn, en is een behandeling noodzakelijk!

eigenaren kunnen overwegen om aan de BUITENZIJDE van hun gazen afscheiding een horrengaas te nieten of te spijkeren. Hiermee is het risico op maden vrijwel tot nul gereduceerd.

 

 

      Gas                 

 

Je gaat naar je konijn en zet eten neer, maar je konijn gaat niet eten. Je geeft hem/haar om te testen wat lekkers, waar normaliter de kooi voor afgebroken wordt. Maar je konijn hoeft het niet. Blijft stilletjes zitten en als je het lekkers voor de neus houdt wordt de kop afgewend, of je konijn wendt zich helemaal van je af. Het kan ook dat je konijn slap of in een ongemakkelijke houding in kooi of hok ligt, en een doodzieke indruk maakt. Negen van de tien keer heeft je konijn gas. Niet behandeld gas kan extreme vormen aannemen, en tot de dood leiden. Een extreme vorm van gas is trommelzucht. Bij de eerste tekenen van gas moet actie ondernomen worden...

Gas...

Een konijn heeft een zeer gevoelig, zeer uitgebalanceerd maagdarmstelsel. De meeste problemen in geval van een ziek konijn ontstaan in het maagdarmstelsel.

Een van de meest voorkomende problemen is gas. Het ene konijn is gevoeliger voor gas dan het andere, ongeacht de grootte of het ras. Gas wordt vaak veroorzaakt door het voer wat we geven, vooral door grote hoeveelheden kool. Kool geven wordt om deze reden afgeraden. Ook stress is een zeer belangrijke oorzaak van het niet goed functioneren van darmen. Een haak aan een kies geeft pijnstress, dit kan de darmwerking vertragen en gas veroorzaken. Coccidiose, wormen, enteritis etc. kunnen gas veroorzaken. Verder kan overtollig haar in het maagdarmstelsel een snelle voedseldoorvoer belemmeren waardoor gas kan ontstaan. Dit zijn slechts enkele voorbeelden uit de lange rij van mogelijke oorzaken.
Een konijn dat in erge mate aan gas lijdt, kan sterven als je er niets aan doet....
Het gas veroorzaakt erg veel pijn, en daarom stopt het konijn met eten. Na 24 uur niet eten belandt het konijn in een zeer kritieke fase: darmimmobiliteit. Dit betekent dat de darmen, vanwege het ontbreken van voedsel, stoppen met bewegen. Dit proces is zeer moeilijk weer op gang te brengen. Als de darmen te lang stilliggen, ontstaat leverbeschadiging. De overlevingskans wordt hierdoor minimaal.

Een konijn kan niet boeren, gas kan er alleen via de onderkant uit. Vaak ontstaat gas voorin het darmstelsel, in de kronkeldarm. Het heeft dan een lange weg te gaan, voordat het via de meters lange opgevouwen darmen eindelijk bij de uitgang komt en het lichaam kan verlaten. Vaak lukt dat niet goed, en de urenlange pijn kan zoveel stress op de darmen geven dat de darmwerking helemaal stilvalt. Pijnstilling is daarom een belangrijk onderdeel van een gasbehandeling. Een andere probleemplek waar gas vaak ontstaat is de blindedarm.

Symptomen die het meest voorkomen zijn:
- Harde borrelende geluiden in de buik van je konijn, of doodse stilte. Normaal hoor je zachtjes borrelen als je aan de buik luistert.
- Je konijn wordt apathisch, wil met rust gelaten worden, zit vaak met de ogen half gesloten.
- Stopt met eten (hoeft zelfs de lekkerste dingen niet).
- Je konijn ligt in een ongemakkelijke of ongebruikelijke houding - gedeeltelijk op de zij om de pijn te verlichten (hoogstwaarschijnlijk met het voorste gedeelte van het lichaam wat omhoog terwijl de achterpoten relaxed lijken); of je konijn wil helemaal niet liggen maar geeft de voorkeur om rechtop te zitten in een heel rechte houding.
- Vaak zal je konijn rusteloos zijn, steeds een andere plek zoeken en met de achterpoten het stro wegtrappen, dat is vanwege de pijn.
- Wegrennen en zich verstoppen, als dat geen normaal gedrag is
- Snelle ademhaling of hijgen, is een teken van pijn.
- Knarsetanden, luid, alsof er kiezels worden doorgebeten, is een teken van pijn.
- De buik zal heel hard aanvoelen, of extreem zacht.
- Als je je konijn optilt, is hij (vaak) slap.
- Geen keutels, of natte.

Om voorbereid te zijn op gas is het belangrijk de volgende zaken in huis te hebben:
- Aeropax. (Bij apotheek verkrijgbaar) Dit is een mensen-antigasmiddel, maar werkt heel goed bij konijnen.(Er bestaan geen voor konijnen ontwikkelde middelen die op gas inwerken.) Het middel heeft geen invloed op de darmen, en het heeft geen invloed op verdere gegeven medicatie, dus het kan zonder bezwaar aan een konijn gegeven worden. Het werkzame bestanddeel is simethicon.
OF:
- Equate. Dit is ook een simethicon produkt, maar het heeft een smaak die door de meeste konijnen makkelijker genomen worden, en het is geconcentreerder, dus er hoeft maar weinig van gegeven te worden.

NB In België is Aeropax niet verkrijgbaar, en moet bij drogist of apotheek Sili-met-san gehaald worden. Dit is een antigasmiddel met simethicon, en bestaat uit poeder.  De doseringen simethicon (even uitrekenen) en frequenties aanhouden zoals beschreven staat voor de andere middelen.

- Injectiespuitjes zonder naald, alle maten. (Bij dierenarts of apotheek verkrijgbaar.)
- Antigasmiddel (Aeropax)
- Pijnstillend middel
- Laxeermiddel op basis van lactulose (dierenarts)
- Kruik
- Stethoscoop (optioneel, eventueel kan ook met een kokertje zoals van toiletpapier geluisterd worden naar de darmgeluiden)
- Dwangvoer (zoals baby 1e wortelhapje, supermarkt)
- Elektrolytische oplossing

Gas...wat moet ik doen?

Als je vermoedt dat je konijn gas heeft:

Een buitenkonijn moet direct naar binnen gehaald worden en warmgehouden. Controleer de lichaamstemperatuur van je konijn. Als die lager is dan 38o C (dat merk je ook al snel aan koude oren, met zeer

 

koude oorpunten), moet je je konijn opwarmen voordat hij nog verder afkoelt en in een shock raakt.
                                                  

 

                                         

 

 

Leg hem op een warmtematje, een warmwaterkruik, onder een warmtelamp, of houd hem tegen je aan, met een deken om hem heen. Controleer regelmatig anaal met een ingevette thermometer (voorzichtig!) om er zeker van te zijn dat de temperatuur niet steeds lager wordt.
Als de oren warmer worden, is dat een teken dat de lichaamstemperatuur wat oploopt. Het warm houden is verschrikkelijk belangrijk. In de kooi zal een binnenkonijn het stro etc. wegtrappen, en op de koude, kale bodem gaan liggen. Zorg ervoor dat het lichaam van je konijn warm blijft. Hier kan een kruik of een warmtematje uitkomst bieden.
Wanneer je konijn koud wordt maar het dier wil niet bij de warmtebron blijven, zet het dan in een kattenvervoersmand. Op de bodem een rubberen kruik, gedeeltelijk gevuld met heet water en daar overheen een handdoek, het konijn daar op. Indien nodig ook nog een deken over het konijn heen.
NB enkel een handdoek over het konijn leggen en geen andere warmtebron gebruiken geeft geen warmte genoeg aan een onderkoelend konijn.

AEROPAX (smaakt naar pepermunt)

- Geef je konijn van Aeropax het eerste uur 3x (dus om de 20 minuten) 1 hele tablet of 3x 2,5 ml emulsie, oraal (in de bek dus).  Maak de tablet fijn in water en geef het met behulp van een spuitje.  Als je konijn slecht blijft, moet je het elk uur 1 tablet of 2,5 ml. emulsie blijven geven, ook 's nachts, tot de toestand verbetert. 

of:

EQUATE

- Geef je konijn het eerste uur 3x (dus om de 20 minuten) 0,6 ml Equate, oraal (in de bek dus). Na het eerste uur kun je verder elk uur 0,6 ml geven tot de toestand verbetert.

LAXEERMIDDEL

- Wanneer je konijn hevig in de rui is, kan het nuttig zijn om ook een dosering laxeermiddel (Laxatract of Tractonorm) te geven.

- Doe buik massage. Doe dit heel zacht en voorzichtig! Alleen met de vingertoppen. Dit zal helpen de pijn en het ongemak te verlichten en zet de darmen aan tot bewegen. Als je merkt dat je konijn het niet prettig vindt, en rusteloos wordt, dan stoppen. Als je konijn doodstil blijft zitten is dit een teken dat hij het prettig vindt. Je kunt ietsje steviger gaan masseren, let op de reactie van je konijn. Het moeten lichte bewegingen blijven, om geen organen te beschadigen. Massage is uiterst belangrijk, hierdoor kun je de darmen tot bewegen aanzetten. Hoor je tijdens massage of na het geven van het antigas-middel harde borrelende geluiden, dan is dat een teken dat er beweging in het gas komt.
- Probeer van tijd tot tijd of je konijn wil eten. Vanwege de pijn zal je konijn weinig interesse hebben. Als je konijn voedsel aanneemt, weet je dat het beter met hem gaat. Wat peterselie wordt vaak het eerst genomen door een konijn dat buikpijn gehad heeft.
- Geef je konijn tussendoor steeds wat water, gebruik daar een spuitje voor. Spuit niet hard in zijn bekje maar doe het voorzichtig. Misschien krijg je maar 1 ml. water per keer naar binnen. Belangrijk is dat je konijn blijft drinken. Beste is elk half uur tot een uur een paar ml. water naar binnen zien te krijgen.
- Als het al enige uren geleden is dat je konijn gegeten heeft, is het zinvol elk uur een paar ml. dwangvoer te geven. Dit kan wortelhapje zijn of gemalen biks (= geperste staafjes) met wat water tot een papje geroerd. Dwangvoer wordt met een spuitje in de bek gegeven.
- Zorg ervoor dat er voldoende hooi is. Als je konijn weer wil gaan eten, moet er veel vers hooi zijn. Zorg voor vers water.
 

 

WANNEER ER GEEN SCHOT IN ZIT

Wanneer je konijn na een paar uur niet wat verbetert (zich bijv. gaat wassen), of het verslechtert zelfs, dus wordt slapper, dan heeft het een pijnstillend middel (liefst per injectie) en een darmstimulerend middel (Primperan ofwel Metocloraldrops of desnoods Cisaraldrops) nodig. Als je dit niet in huis hebt en/of je hebt geen ervaring met deze middelen dan is het nodig dat je zo snel mogelijk een konijnkundige dierenarts bezoekt. Zie hiervoor de lijst op www.konijnen.nl/doktoren/konijnendokter.htm Er moet voorkomen worden dat het gas extreme vormen aan gaat nemen (trommelzucht), want dit verloopt vrijwel altijd fataal.
De meeste dierenartsen gebruiken helaas geen antigasmiddel zoals Aeropax of Equate, dit moet dan thuis gewoon doorgegeven worden, naast de medicatie die de dierenarts verstrekt.
- Misschien is het nodig dat het dier een infuus krijgt, of dat er een rontgenfoto gemaakt wordt om te zien waar het gas zich precies bevindt.
- Vervoer je konijn uiterst warm en neem een deken mee zodat het dier niet op de koude behandeltafel hoeft te liggen, warmte is van levensbelang. 

NB Laat de dierenarts onder geen beding Buscopan toedienen. Buscopan verslapt de darmwerking, waardoor ze nog minder gaan bewegen en het gas niet weg kan. Dit kan rampzalige gevolgen hebben.

GAS IN DE MAAG

Gas in de maag is (nog) ernstiger dan een gasophoping in de darmen. Wanneer het gas zich namelijk in de maag bevindt, is het niet of nauwelijks mogelijk om voedsel of medicatie toe te dienen, omdat de maag al overvuld is. Primperid/Primperan en pijnstiller dienen dan per injectie toegediend te worden en dit is zeker iets wat onmiddellijk gedaan moet worden. De maag, die normaal gesproken vrij plat is, loopt van links naar rechts, vlak onder de borstkas. Bij veel gas in de maag kan de maag buiten de ribben uitpuilen, deze bult is zeer duidelijk te voelen en kan enorme proporties aannemen.

Maagmassage

 

Een konijn kan niet boeren, daarom moet gas wat zich in de maag bevindt via de maagpoort, door de darm naar de anus, het lichaam verlaten. Dit is niet eenvoudig. Door massage kan geprobeerd worden het gas via de maagpoort richting darm te duwen. De maag wordt van linksonder naar rechtsboven gemasseerd. De beweging mag niet te zacht zijn, maar ook absoluut niet te stevig om de tere maag niet te beschadigen. Voor de massage zet je je konijn met de rug naar je toe op schoot, leg je handen om de borst. De opening van de maag naar de darmen zit rechtsboven op de rug van het konijn. Als je de vingers van de rechterhand op de maag legt en je rechterduim bovenop de rug, dan kun je met je vingers masseren en voel je (hopelijk) de luchtbellen onder je duim door naar de darmen gaan. Als het gas weg kan zal de druk op de maag afnemen. Je zult de maag steeds moeten blijven masseren opdat het gas niet weer de maag zal vullen. Tussendoor heeft het dier rustpauzes nodig. De reactie van je konijn op de massage is zeer belangrijk. Als de massage helpt, zal het dier wat gaan ontspannen. Een warmtebron onder of tegen de buik kan helpen het gas af te voeren en geeft verlichting van pijn. Wanneer er iets ruimte in de maag is, kunnen Primperan of Cisaraldrops en pijnstiller wel oraal toegediend worden.

Gas in de maag is zeer moeilijk weg te krijgen en er is kans dat de massage geen effect heeft. De dierenarts kan proberen door middel van een sonde het gas in de maag via de mond te laten ontsnappen. Verschillende dierenartsen hebben deze techniek met succes toegepast maar het lukt helaas niet altijd        Print dit artikel en het artikel darmimmobiliteit uit, en neem het mee naar de dierenarts als deze niet konijnkundig is!

 

Buikmassage    

Het gemakkelijkst is het, wanneer uw konijn op uw schoot zit, met zijn rug in de holte van uw rechterarm en de snuit en poten wijzend in de richting van uw linkerarm. U houdt met uw rechterhand het konijn onder de voorpootjes ietwat rechtop, zodat het dier niet zo in elkaar zakt. U kunt nu makkelijk de buik op alle punten bereiken.

U masseert in deze positie steeds met uw linkerhand.

De kronkeldarm bevindt zich enigszins aan de rechterzijde van uw konijn, een klein stukje beneden de ribben, en vaak bevindt zich hierin het gas. Deze darm valt niet te masseren omdat hij in een kluwen gekronkeld zit. Leg de vingers van uw linkerhand over de buik heen op de rug en trek zachtjes richting buik om de kronkeldarmmassa wat te bewegen en zo het gas in beweging te zetten. Zet uw vingers iets meer naar voren en iets lager en masseer zacht omlaag richting lies en langs de lies verder omlaag. Vaak zult u dan gasbellen voelen bewegen of u hoort geborrel. Een gedeelte van de darm waar zich vaak veel gas ophoopt bevindt aan de linkerzijde in de lies, richting buik. Als er gas zit voelt u daar een langgerekte bult. Hier wordt zachtjes een klein stukje opwaarts (dus richting hoofd konijn) gemasseerd om de bellen omhoog te duwen. Daarna zet u uw vingers weer over de buik op de rug en herhaalt u de eerste handeling. Zo blijft u in een cirkel masseren.

Wil uw konijn beslist niet in deze houding, maar wel gemasseerd worden wanneer het voor u ligt, meestal in een ongemakkelijke houding, met de buik op de grond of op uw schoot, probeer dan vanaf de rugzijde van uw konijn bovengenoemde massagetechniek zo goed mogelijk na te bootsen.

Er zijn verschillende manieren om een buikmassage te geven.

  1. Zet het konijn op je ene arm met zijn gezicht in je elleboogholte. Masseer voorzichtig met je andere hand zijn buik.
  2. Zet hem op de bank met zijn kont op een kussen en van je af gekeerd. Masseer voorzichtig met twee handen.
  3. Leg hem op zijn rug  ook weer met zijn kont hoger dan zijn hoofd en masseer.
  4. Als je alleen bent en al deze houdingen lukken niet of leiden alleen maar tot enorm gestress, maak dan een Pakje Konijn en masseer door de handdoek heen.


Het masseren doe je door  met je vingertoppen (denk aan scherpe nagels!) voorzichtig druk uit te oefenen. Begin onder de zwevende ribben en werk langzaam naar beneden toe. Als het gas erg is, voel  je soms een bel onder je vinger  bewegen.
Maak er geen gevecht van als je konijn het echt niet wil. Daar heeft je konijn niets aan en jij ook niet.

 

                                                                          

                                     

Haarbal? Traagwerkend darmstelsel         

De diagnose "haarbal" wordt bij konijnen meestal snel gesteld. Gelukkig verdiepen steeds meer dierenartsen zich in de werking van het darmstelsel van het konijn, en concluderen dat dit een foute benaming is. Een konijn heeft geen haarbal zoals bij katten enz. voorkomt. Een obstakel in de maag bij een konijn bestaat uit voedsel met haar. Dit obstakel ontstaat alleen, als de werking van het darmstelsel te traag is. Dus niet de "haarbal" is het probleem, maar de te trage werking van de darmen is het probleem.

VERSTOPPING 

Symptomen: het konijn heeft steeds minder eetlust, de keutels worden kleiner en minder, of er komen geen keutels meer. In het begin hoeft het konijn zich nog niet ziek te gedragen.

HOE ONTSTAAT EEN VERSTOPPING

Over het algemeen wordt een verstopping veroorzaakt doordat het darmstelsel te traag werkt. De reden van een te traag werkend darmstelsel is meestal een tekort aan vezels in de voeding. Ook gebitsproblemen kunnen een reden zijn van minder goed eten en als gevolg daarvan het trager werken van de darmen. Pijn vanwege gebitsproblemen geeft namelijk stress die de darmbeweging direct vertraagt. Wanneer de darmen te traag werken kan, vooral in de ruiperiode, overmatig opgelikt vachthaar de boel gaan stagneren. Behalve haar kunnen er nog andere redenen van stoornissen in het maagdarmstelsel zijn, zoals een gehele of gedeeltelijke blokkade door onbekend materiaal (bijv. stukjes tapijt, karton), verklevingen na operaties, darmparasieten en vergiftiging (bijv. lood). Het is belangrijk uw konijn goed door uw dierenarts te laten onderzoeken (evt. rontgenfoto) om precies te weten wat er aan de hand is en de behandeling hierop af te stemmen.

WAT GEBEURT ER

Als de darmbeweging te traag is, blijft het voedsel te lang in de maag.  Het konijn heeft een vol gevoel in de maag en wil niet of nauwelijks meer eten, daardoor gaan de darmen nog langzamer bewegen, of vallen stil. Het konijn stopt nu met eten en vaak ook met drinken. Het lichaam heeft toch vocht nodig, en ontrekt dat nu onder meer aan de onverteerde voedselbestanddelen die in de maag aanwezig zijn. Hierdoor kan de voedselmassa in de maag uitdrogen en veranderen in een massieve, stevig vastklevende massa die niet in beweging te brengen is. Bij het voedsel wat zich nog in de darmen bevindt gebeurt precies hetzelfde.  

SYMPTOMEN VAN EEN TRAAGWERKEND DARMSTELSEL

De symptomen van een te traag werkend darmstelsel zijn steeds kleiner wordende keutels, terwijl de hoeveelheid doorgaans sterk vermindert. Aan het gedrag van het konijn valt nog niet veel te merken: het is opgewekt en levendig en wil nog steeds kranten scheuren of aan dingen knagen. Wel zal meestal de eetlust afgenomen zijn of wordt het voedsel met lange(re) tussenpozen gegeten. Op een gegeven moment worden de keutels piepklein en blijven tenslotte uit; op dit punt eet het konijn nauwelijks of helemaal niet meer. Mogelijk verschijnen er af en toe nog wat zachte, puddingachtige keutels. Het uitblijven van de keutels betekent dat de darmen niet meer bewegen; het traagwerkende darmstelsel is uitgemond in darmstilstand ofwel darmimmobiliteit. Aan deze toestand moet snel iets gedaan worden want anders zal het dier snel erg ziek worden en sterven.  

Het spijsverteringsstelsel van een konijn kan maximaal 24 uur zonder voedsel. Daarna gaat het mis.

VERSTOPPING: DE BEHANDELING 

Er kan onderscheid gemaakt worden tussen een beginnende en een volledige verstopping, en beide hebben een verschillende aanpak nodig.  

Beginnende verstopping
De typische symptomen van een beginnende verstopping zijn dat de keutels steeds kleiner worden en het aantal wordt (meestal) steeds minder. De keutels zijn hard (uitgedroogd) en hebben vaak grillige vormen en/of kunnen als een kettinkje aan elkaar zitten. Het konijn heeft op dit punt al vaak een verminderde belangstelling voor voedsel of doet langer over het eten (eet in etappes). Het vertoont afgezien daarvan geen afwijkend gedrag. Het is belangrijk dat een konijn met een beginnende verstopping veel vochtige vezels te eten krijgt om de darmwerking te versnellen, dus veel hooi en nat gemaakt groenvoer. Droogvoer kan nu beter tijdelijk achterwege gelaten worden. Let op dat je konijn goed blijft drinken, anders moet extra vocht gegeven worden; dit doe je al enigszins door het groenvoer nat aan te bieden.
Geef daarbij driemaal daags (door het voedsel) een enzym dat helpt het voedsel in het maagdarmstelsel af te breken.  Hiervoor kun je Prozyme gebruiken.

Eventueel kun je vers geperst ananassap gebruiken. Geef nooit sap uit pak of blik of iets dergelijks, dit bevat namelijk niet (meer) de nodige enzymen en kan zelfs door het suikergehalte voor grotere problemen, zoals een gasbuik, zorgen. Er zijn ook papaya enzym tabletten tegen haarballen bij katten in de handel, die voor dit doel te gebruiken zijn wanneer vaststaat dat het probleem door haaroverlast veroorzaakt werd. Je kunt deze een paar maal per dag als snoepje geven.

Wanneer je konijn te weinig eet kan het beter al wat bijgevoerd worden met hoogvezelig dwangvoer. Een pijnstiller is nuttig om je dier in een zo optimaal mogelijke conditie te houden.

 

Ananassap
Ananassap kan maar kort bewaard worden omdat anders de werkzaamheid afneemt. Elke dosering dient dan ook vers geperst te worden. Met een vork kunnen kleine stukken ananas zonder pitten platgedrukt worden. Het sap wordt opgevangen. Het is mogelijk om een grotere hoeveelheid te maken en dit in te vriezen. Ideaal hiervoor is een bakje of zakje waar u normaal gesproken ijsblokjes in maakt. Voor de dagelijkse doseringen kan dan telkens een ijsblokje sap ontdooid worden. Ananassap wordt in kleine hoeveelheden (een paar ml) enkele keren per dag oraal toegediend, met een injectiespuitje zonder naald. Ananassap is nogal scherp en kan branden, daardoor kan de huid rond de mond kaal en ontstoken raken wanneer er gemorst wordt. De ananas mag niet te onrijp zijn maar beslist ook niet te rijp. Een te rijpe ananas bevat teveel koolhydraten in de vorm van suikers, wat vooral nu gasvorming kan veroorzaken.

Het is zinvol om een laxeermiddel te geven. Hiervoor kan het beste gekozen worden voor middelen op basis van lactulose zoals Tractonorm of Laxatract. Deze middelen hebben geen schadelijk effect op de darmwand en zijn osmotisch, dat wil zeggen dat ze vocht aantrekken. Hierdoor wordt de darminhoud smeuiig maar krijgt ook meer massa, waardoor de darmbeweging gestimuleerd wordt. Het is nodig dat een konijn dat deze laxeermiddelen krijgt voldoende eet en vooral drinkt, desnoods door middel van dwang. Beter kunnen geen laxeermiddelen gegeven worden op basis van vaseline (zoals Laxapast) en ook geen paraffine, want deze middelen tasten bij langer gebruik de darmwand aan.
De dosering van Tractonorm en Laxatract mag 3x daags ca. 1 ml. per kg. lichaamsgewicht zijn.

Wanneer de darm niet pijnlijk opgezwollen is, is het nodig een darmstimulerend middel te geven zoals Metocloral drops (of Primperan) of Cisaral drops. De dosering is 0,5 ml. per kg. lichaamsgewicht elke 6 uur, later af te bouwen naar elke 12 uur.
Deze middelen stimuleren de maag zich sneller te legen in de darmen, waardoor hopelijk de darmen steviger gaan bewegen en de blokkade meegevoerd wordt. Het beste kan dit in eerste instantie door middel van een injectie toegediend worden, verder worden meestal tabletten of orale vloeistof voor thuisgebruik gegeven omdat het praktischer is voor de eigenaar

Nazorg bij beginnende verstopping
Zodra de keutels groter en talrijker worden, kan het laxeermiddel geminderd worden of achterwege gelaten. Het is verstandig minimaal eenmaal daags enzymen te blijven geven. Ook het darmstimulerende middel blijf je geven, hoewel je het aantal doseringen per etmaal voorzichtig af kunt bouwen. Droogvoer blijft nog steeds achterwege of wordt zeer minimaal gegeven; het hooi en vochtig groenvoer moeten hun goede werk doen in de darmen, en ze blijven aanzetten tot een stevige beweging. Worden de keutels toch weer kleiner en minder in aantal, dan is een laxeermiddel nog nodig. Pas als je konijn weer normaal keutelt, dus wanneer de keutels groot, talrijk, rond van vorm en niet uitgedroogd zijn, en het dier een uitstekende eetlust heeft, is het gevaar van een verstopping voorbij. Nu kun je stoppen met alle medicatie.

Volledige verstopping
Bij volledige verstopping komen er geen keutels meer.
Konijnen met een totale verstopping willen niet meer eten, en zullen zeker gedwangvoerd moeten worden. Door nat dwangvoer en enzymen wordt de blokkade hopelijk afgebroken danwel doorgevoerd. Het beste is om in dit stadium eerst voeding met juist weinig of geen vezels te geven, zodat er geen kans is dat de door vocht opgezwollen vezels blijven steken, en zodoende de blokkade vergroten. Hiervoor zijn voedingsmiddelen zoals Nutrilon soya (apotheek/drogist), babyvoeding tot zes maanden, bijv. wortelhapje (supermarkt), Juvenile (dierenarts) en Convalescence support (dierenarts) geschikt  Let wel: als de verstopping zich in de maag bevindt, moet met dwangvoeren opgepast worden in verband met maagoverlading. Het beste kun je 8 tot 12 maal per etmaal kleine beetjes (5-15 ml, afhankelijk van de grootte van je konijn) dwangvoer geven. Het dunne dwangvoer houdt de verstopping zacht en kan er hopelijk langs om de darminhoud te vergroten en de darmen in beweging te houden. Om uitdrogingsgevaar tegen te gaan kan het dwangvoer het beste worden aangemaakt met een elektrolytische oplossing, ofwel ORS-preparaat (een mengsel van glucose en zout, ook zelf te maken, zie hieronder) bij de dierenarts verkrijgbaar. Als je konijn niet of nauwelijks drinkt, moet het extra vocht toegediend krijgen, zodat de maagdarminhoud zacht blijft. Het beste kan een elektrolytische oplossing gegeven worden.

Een konijn heeft per etmaal minstens 50 ml. water per kg lichaamsgewicht nodig, wanneer het konijn niet genoeg wil/kan drinken is het nodig dat de dierenarts onderhuids vocht toedient. Een konijn met vochttekort wordt slap en apathisch.

Elektrolytische oplossing: zelf maken
Elektrolytische oplossingen zijn in geval van nood zelf te maken. Voeg aan 1 liter gekookt water 1 1/4 theelepel zout en 5 theelepels suiker toe, goed roeren zodat alles volledig is opgelost. Af laten koelen tot lauwwarm, dit is de temperatuur waarbij konijnen het drankje beter willen drinken.
De oplossing bewaren in de koelkast, je kunt er steeds wat van afnemen en ietsje opwarmen. Niet langer gebruiken dan 24 uur vanwege bacterievorming, dan weer nieuw maken

Verdere behandeling bij volledige verstopping
De laxeermiddelen, enzymen, probiotica, pijnstiller en darmstimulerende middelen zullen op precies dezelfde manier ingezet moeten worden als beschreven is bij een dreigende verstopping, mits de darm niet opgezwollen en pijnlijk is. Het is verder zinvol om vitamine B-injecties te laten geven om de tekorten aan te zuiveren die ontstaan door het niet eten van de blindedarmkeutels. Let wel: vit.B werkt alleen in "familieverband", er dient dus beslist een vit.B-complex gegeven te worden waar de vit.B12 in voorkomt.

Dwangvoer
Wanneer er weer keutels komen, ook al zijn ze piepklein en misvormd, kan begonnen worden met het dwangvoeren van vezelig voer. Het speciaal voor konijnen ontwikkelde Supreme Science Recovery (dierenarts) is hiervoor uitstekend geschikt. Dit voer bevat 20% vezels en toegevoegde prebiotica en elektrolyten. Nog een geschikte biks om in dit geval te dwangvoeren is Supreme Science Selective, een zeer hoogvezelige en lichtverteerbare biks. Dit voer bevat ook prebiotica, en is zowel bij dierenarts als dierenzaak te koop. De biks zal voor het doel geweekt en fijngemaakt moeten worden. Ook papaya en pompoen bevatten veel vezels, en kunnen in het dwangvoer verwerkt worden. Omdat vezels de opening van een injectiespuitje zonder naald verstoppen, is voor het voeren van vezelig dwangvoer een spuit met een veel wijdere opening nodig, maar deze is in veel gevallen moeilijk te bemachtigen. Beter kun je een 1 ml. spuitje nemen en hier het tuitje afsnijden vlak voor de ronding waar het spuitje wijd wordt. Zo heb je een wijd gat waar vezeldwangvoer goed doorheen gaat, terwijl het spuitje nog steeds dun genoeg is om tussen de lippen van een onwillig konijn te stoppen.

 

Als het voeren niet lukt adviseer ik je om even naar www.vrijkonijn.nl gaan. Klik op 'stichting VrijKonijn'. Klik op zoekmachine (links onder). Typ in de zoekmachine "dwangvoeren". Op de pagina die dan opent klik je op 2: Konijn in handdoek. Je krijgt nu uitleg over het dwangvoeren en je ziet dan hoe je een konijn dat niet meewerkt in kunt pakken in een handdoek. De meeste konijnen worden op die manier erg gewillig. De foto's zijn heel erg duidelijk. Belangrijk is dat de handdoek strak genoeg zit zodat het konijn zich niet kan losworstelen, maar niet zo strak om de nek dat het dier het benauwd krijgt.

Gas tijdens verstopping
Zowel bij dreigende verstopping als bij volledige verstopping is het gevaar van gasvorming in maagdarmstelsel niet denkbeeldig. Doordat het voedsel te lang in het maagdarmstelsel blijft, krijgen pathogene bacteriën de kans om de massa in maag en/of darmen te laten gisten. Hier moet goed op gelet worden, bij het geringste vermoeden van gas zal een antigasmiddel gegeven moeten worden. In feite kun je beter preventief een paar maal per dag het  antigasmiddel Aeropax geven. Dit middel bevat de werkzame stof simethicon, een ander antigasmiddel mag niet bij konijnen gebruikt worden. Zie voor wijze van gebruik het artikel
gas bij konijnen.

Geef elke dag een probiotica, om de darmflora te helpen in evenwicht te blijven. Hiervoor kun je Protexin gebruiken, bij dierenarts te koop, of Aciforce van Vogel, bij drogist te koop.

Het is zelden nodig om antibiotica te gebruiken, vaak zorgen deze zelfs voor een verdere verstoring van het al zo geteisterde darmstelsel. Dus geef liever geen antibioticum 

Voorkomen is beter dan...
De kans op een verstopping wordt een stuk kleiner als het dier zoveel mogelijk vezels aangeboden krijgt, dus groenvoer en veel hooi, zo min mogelijk droogvoer en dagelijks volop vers water. Vezels en vocht zorgen voor een optimale darmwerking. Ook veel lichaamsbeweging stimuleert de darmbeweging. Verder moet tijdens de ruiperioden veel geborsteld worden, zodat het konijn zo min mogelijk haar oplikt.

                 

Darmimmobiliteit, een dodelijke kwaal

Wanneer de normale, samentrekkende bewegingen (peristaltische bewegingen) van de darmen niet of nauwelijks meer plaatsvinden wordt van darmimmobiliteit (‘ileus’) gesproken.

Waardoor wordt darmimmobiliteit veroorzaakt?
Er is een aantal redenen aan te geven waardoor de darmen van een konijn niet meer samentrekken:

1 stress.
2 uitdroging.
3 pijn, veroorzaakt door bv. een infectie of andere ziekte.
4 verstopping van het darmkanaal.
5 onvoldoende ruwe vezels in het eten.

6 neurologische oorzaak

Wanneer darmimmobiliteit niet behandeld wordt, kan het konijn op een pijnlijke manier sterven. Doordat de darmen niet meer samentrekken kan voedsel of opgelikt haar vast komen te zitten in het darmkanaal, waardoor dit verstopt raakt. Ook zal de dikke darm niet geleegd worden. Hierdoor kunnen schadelijke bacteriën tot ontwikkeling komen (bv. Clostridium bacteriën, die familie zijn van de tetanus en de botulisme soorten), die bij grote aantallen gasvorming veroorzaken (zeer pijnlijk voor het konijn), of giftige stoffen produceren die door de lever weer afgebroken moeten worden. Dit vormt een dusdanig zware belasting voor de lever, dat in veel gevallen de feitelijke doodsoorzaak van darm-immobiliteit het falen van de lever is.

Symptomen van darmimmobiliteit
Geen of kleine keuteltjes (speldenknopjes), die soms aan de haren blijven kleven. (Soms zijn de keuteltjes zeer klein, en ingekapseld in helder of gelig slijm. In dat geval is er sprake van een acute situatie, en moet direct de hulp van de dierenarts ingeroepen worden.) De darmen maken ook geen normaal, zacht borrelend geluid. In plaats daarvan borrelt de darm zeer hard (door het ontstaan van grote, pijnlijke gasbellen), of is de darm doodstil. Het konijn is apathisch, wil niet eten, of zit in elkaar gedoken en knarsetandt vanwege de pijn.

 

 

De "haarbal-mythe".
Helaas wordt nog te vaak bij een konijn dat darmimmobiliteit heeft, de diagnose ‘hij heeft een haarbal’ gesteld. In feite ontstaat een haarbal door darmimmobiliteit, en niet andersom. Een dierenarts die weinig konijnen behandelt, en niet weet hoe de buik van een konijn moet aanvoelen, stelt vaak zo’n verkeerde diagnose, wanneer de buik ‘deegachtig’ aanvoelt. Een ‘deegachtige’ buik bij een konijn is echter alleen een teken dat er iets aan de hand is wanneer de dikke darm leeg is, en het konijn pijn heeft wanneer de buik betast wordt. Net als bij de meeste planteneters zijn de maag en de darmen van een normaal, gezond konijn nooit helemaal leeg. Een konijn kan normaal eten tot vlak voordat darmimmobiliteit ontstaat. Hierdoor kan de maag behoorlijk gevuld zijn wanneer de darmen stoppen met bewegen. Deze voedselmassa maakt een deegachtige indruk bij het betasten van de buik, maar heeft dus niets met haarballen te maken.

Een haarbal bij een konijn bestaat voor het grootste deel uit voedsel, bijeengehouden door haren en slijm, dit in tegenstelling tot de bekende haarballen van katten. Tenzij deze haarbal kan indrogen tot een vaste, harde bal, zullen toegediend vocht en enzymen deze haarbal kunnen afbreken en oplossen. Het behandelen van een konijn voor haarballen heeft echter geen zin wanneer geen aandacht geschonken wordt aan de darmimmobiliteit!

Als er een vermoeden bestaat dat een konijn last heeft van darmimmobiliteit is het noodzakelijk direct met het konijn naar de dierenarts te gaan. Deze zal de buik van het konijn beluisteren en betasten. Daarnaast kan de dierenarts een röntgenfoto maken van de buik om vast te stellen of de darmen normaal voedsel bevatten, of dat er ergens een blokkade of een gasophoping aanwezig is. Wanneer de darm niet volledig geblokkeerd is, kan de blokkade het beste met medicijnen behandeld worden. Een gastro-enterotomy (het open snijden van de maag) kan wel toegepast worden om een blokkade uit de maag te verwijderen, maar vaak overleeft het konijn de operatie niet. En bij konijnen die de operatie zelf overleven treedt vaak peritonitis (perforatie van de maagwand) of een andere complicatie op; opereren moet dus gezien worden als de allerlaatste toevlucht.

Kan darmimmobiliteit succesvol behandeld worden?
Wanneer de dierenarts vastgesteld heeft dat er een blokkade in het maagdarm kanaal aanwezig is moet met behulp van vezels, vocht, pijnstiller, laxeermiddelen, enzymen, darmstimulerende middelen en een antigasmiddel (Aeropax) geprobeerd worden de blokkade op te heffen. Wanneer dat lukt kan de darmbeweging weer op gang komen.Wanneer de dierenarts vastgesteld heeft dat er geen blokkade in het maagdarm kanaal aanwezig is, is het moeilijker de darmbeweging weer op gang te krijgen.
Immers is de oorzaak van het stilvallen in dat geval onbekend. Vooral bij oudere konijnen kan een neurologische stoornis uitval van de darmbeweging veroorzaken.
Darmstimulerende middelen (Primperan en/of Cisaral drops), pijnstiller, hoogvezelig dwangvoer (Recovery) en vocht kunnen ingezet worden. Vitamine B kan gegeven worden om de eetlust te stimuleren en omdat deze vitamine niet meer via de blindedarmkeutels opgenomen worden.
De lichaamstemperatuur moet steeds in de gaten gehouden worden, zodat het konijn niet gaat onderkoelen. Antibioticum geven is af te raden tenzij een bacteriële infectie oorzaak is van de darmimmobiliteit.
Vanwege de dreigende enterotoxemie (darmvergiftiging veroorzaakt door de bacterie Clostridium spp) kan cholestyramine ingezet worden, en Aeropax gegeven worden. Aeropax is een essentieel middel voor het bestrijden van de pijnlijke darmgassen.

Wat kan ik zelf doen 

Buikmassage.
Een van de effectiefste manieren om een lui darmstelsel aan de gang te krijgen is met zachte buikmassage. Zet het konijn op een handdoek, op een stevige ondergrond, zodanig dat het konijn er niet af kan springen en/of zichzelf verwonden. Masseer, met de handen en vingertoppen zachtjes de buikstreek. Masseer steeds dieper in de buik als het konijn dit toelaat, maar niet zo diep dat het pijnlijk voor het konijn is. De interne organen van een konijn zijn zeer gevoelig, en kunnen gemakkelijk gekneusd worden, waardoor de zaak alleen maar erger wordt. Naast handmassage kan ook een elektrisch massage apparaat gebruikt worden. Dit is meestal nog effectiever, en het is dus een goed idee om een massage apparaat aan te schaffen met een groot, plat vlak, dat gedurende lange tijd tegen de buik van het konijn gehouden kan worden. Druk het massage apparaat stevig tegen de buik van het konijn, begin bij de onderbuik en werk langzaam naar boven toe. Hoewel het konijn in eerste instantie alles een beetje vreemd zal vinden, zal het vrij snel merken hoe aangenaam het is, en de massage als prettig ervaren. Behalve de stimulans op de spieren, die de massage geeft, lijken gasbellen ook verkleind te worden en vermindert de massage de koliek (darmkramp). Pas de massage toe zo lang en zo vaak als het konijn het goed- en prettig vindt.Vocht.

Het is belangrijk dat het konijn voldoende vocht opneemt zodat de darminhoud niet uitdroogt en een harde massa kan worden die de darm niet meer kan passeren. Het geven van water is natuurlijk prima, maar een elektrolytische drank (dierenarts, of Orisel-apotheek), is nog beter. Geef in geen geval suikerhoudend vocht, omdat hierdoor de schadelijke darmbacteriën zich sterk kunnen vermeerderen.Voedsel.
Het konijn moet steeds wat eten, als de oorzaak een verstopping is laag-vezelig voedsel, bijv. Juvenile (van Harrison, dierenarts). Is de oorzaak geen verstopping dan zeer hoogvezelig voedsel zoals Recovery (dierenarts). Omdat het konijn zelf niet zal willen eten zal het gedwangvoerd moeten worden. Dit kan met behulp van een injectiespuitje zonder naald (dierenarts). Voor Recovery is een spuit met een wijde opening nodig. Duw de tuit van de spuit aan de zijkant van de mond van het konijn, net achter de snijtanden, en spuit langzaam 1-2cc per keer naar binnen. Let op dat het konijn zich niet verslikt. Het beste is wanneer het konijn elk uur ca. 2 ml. per kg. lichaamsgewicht naar binnen krijgt. Hooi.
Wanneer het konijn geen enkele soort hooi wil eten, kan alfalfa misschien uitkomst bieden. Hoewel alfalfa niet dagelijks gegeven mag worden (het bevat teveel proteïnen, calorieën en calcium), moet het in dit geval maar een keer. Voer het konijn wat alfalfa, al moet het sprietje voor sprietje, maar zorg dat het wat vezels binnenkrijgt. De vezels helpen bij het transporteren van de darminhoud, en stimuleren de darmwand-spieren zodat de peristaltische bewegingen verbeteren. Verse, vochtige bladgroenten. De darmen kunnen ook gestimuleerd worden door het konijn verse, vochtige bladgroenten te geven. Als het konijn dat niet wil eten, probeer dan kruiden zoals munt, basilicum, dille, koriander, peterselie, enz. Meestal zal een van deze kruiden de eetlust van het konijn opwekken. Het is dus handig om een gevarieerde voorraad kruiden bij de hand te hebben.

F. Lacto-bacteriën. Hoewel lacto-bacteriën (lactobacillus acidophilus) normaal gesproken niet in het darmstelsel van een konijn voorkomen, blijkt een dosis lacto-bacteriën het konijn te helpen de crisis door te komen, totdat de darmen weer gaan bewegen. Hoewel er geen verklaring voor is, werkt het wel. Gebruik in ieder geval een lacto-bacterie product dat niet op zuivel gebaseerd is, en zeker geen yoghurt. De suikers en koolhydraten die daarin zitten stimuleren de groei van schadelijke bacteriën. Via dierenartsen is Bene-Bac of Protexin verkrijgbaar.

 

Behandeling door de dierenarts.

Darmstimulerende middelen
Een medicijn dat de peristaltische bewegingen van de darmen opwekt, zoals Cisaral drops (= Cisapride) of Primperid (=Metaclopramide), kan uitkomst bieden.
Dit mag echter alleen gegeven worden wanneer vastgesteld is dat er geen blokkades in de darm aanwezig zijn, waardoor de darm onder spanning kan staan. De genoemde medicijnen zijn beide veilig aan konijnen te geven en zeer effectief. Verder is het middel cisapride, dat nauwelijks bijwerkingen heeft, goed geschikt om langere tijd gegeven te worden. Het kan in sommige gevallen wel twee weken duren voordat de darmen weer goed bewegen, dus geduld en een goede verzorging van het konijn zijn essentieel. In ernstige darm-immobiliteitsgevallen kunnen zowel Primperid als Cisaral drops gegeven worden. Ontgiftingsmiddel
De stof Cholestryramine (Questran) kan gebruikt worden om negatief geladen, niet in water oplosbare stoffen te binden, bijvoorbeeld giftige afvalstoffen van Clostridium bacteriën. Het middel Questran wordt bij de mens gebruikt als cholesterol verlagend medicijn, en is goed verkrijgbaar. Wanneer een konijn slijmerige ontlasting heeft is de kans groot dat dit veroorzaakt wordt door een explosieve toename van clostridium bacteriën, die uiterst giftige afvalstoffen maken. Met Questran kunnen deze afvalstoffen gebonden worden en zonder schade via de ontlasting verdwijnen. Het gebruik van het middel Questran moet met enige zorg gedaan worden: geef het middel in een ruime verdunning met water via de mond in. Juist omdat Questran zelf hygroscopisch is (water bindend) moet veel extra water toegediend worden om te voorkomen dat de ingewanden van het konijn uitdrogen. Verder is Questran ongevaarlijk; de darmbewegingen worden niet verstoord, en het wordt niet door de darmen opgenomen. Het middel werkt dus direct op de inhoud van de darmen in. Onderhuids vocht
Een onderhuids ingespoten Ringer-Lactaat oplossing zorgt er voor dat het konijn niet uitdroogt, en het helpt tevens om de elektrolyten in balans te houden. Het injecteren van Ringer-Lactaat oplossing, zelfs wanneer het konijn niet uitgedroogd aanvoelt, helpt om vastzittende, ingedroogde voedseldelen in de darmen zacht te maken, en zorgt dat het konijn zich wat beter voelt. Een konijn met uitdrogingsverschijnselen voelt zich moe en ziek, en heeft nauwelijks zin in eten of drinken. Daarom is het een goed idee om Ringer-Lactaat oplossing preventief toe te dienen, tenzij het konijn zwakke nieren of hartproblemen heeft.Enzymen
Het toedienen van extra spijsverteringsenzymen kan helpen om compacte, vastzittende voedselbrokken of haarballen (die dus een symptoom zijn, en niet de oorzaak van het probleem!) zacht en los te maken. Als proteïne oplossende enzymen kunnen zowel plantaardig als dierlijke enzymen gebruikt worden. De stoffen Papaïne en Bromeline, afkomstig van respectievelijk de papaja en ananas, helpen bij het verteren en oplossen van slijmerige, vaste voedseldelen. Ze kunnen echter keratine, hoofdbestanddeel van haren, niet verteren. Vitaminen
Het oraal of parenteraal toedienen van vitamine B-complex stimuleert de eetlust van het konijn en vult de tekorten aan die zijn ontstaan.

 

Pijnbestrijding
 

                                                       

 

 

Het is van levensbelang de buikpijn die een konijn met darmimmobiliteit kan hebben, te bestrijden.Verschillende pijnstillende middelen komen in aanmerking, zowel NSAID's (zoals carprofen of meloxicam) als opiaten (zoals bijv. Temgesic). Eventueel zou sulfasalazine ingezet kunnen worden, dit middel vermindert buikpijn en heeft een gunstige werking op het darmslijmvlies.

De weg naar het herstel.
Het is essentieel dat de verzorger van een konijn met darm-immobiliteit uiterst geduldig is, zodat de behandeling en de medicijnen hun werk kunnen doen. Konijnen zijn zeer gevoelig voor stress, en moeten zo min mogelijk "nare" ervaringen hebben. Het kan soms wel dagen duren voordat er weer uitwerpselen te voorschijn komen, en soms wel weken voordat de darmen weer normaal bewegen. Er is zelfs een geval bekend waarbij het konijn na 14 dagen nog geen keutels maakte, maar toch, dankzij geduldige en consistente behandelingen (op de hiervoor beschreven manieren) er bovenop kwam. Geduld en doorzettingsvermogen zijn dus dé sleutelwoorden!Ga niet vaker naar de dierenarts met het konijn dan absoluut noodzakelijk is. Hoe meer stress het konijn heeft, hoe langzamer het herstelt. Geef, indien mogelijk, de medicijnen zo veel mogelijk thuis, waar het konijn zich veilig voelt. Eigenlijk zou elke konijnenbezitter een stethoscoop in huis moeten hebben, zodat de darmgeluiden in de gaten gehouden kunnen worden. Wanneer de darmen weer een beetje geluid gaan maken is dit het teken dat het konijn aan het herstellen is, zelfs zonder dat er keutels verschijnen. Door het toedienen van de medicijnen, het geven van voorzichtige massage en liefdevolle aandacht zal het konijn steeds verder verbeteren, en na enige tijd komen vanzelf de keutels. De eerste keutels zullen hard en misvormd zijn, wat normaal is na een periode van ziekte. Het kan ook gebeuren dat het konijn een paar keutels maakt, dan een dag niets, en de volgende dag weer wat meer dan de eerste dag. Ook dit is normaal, en geen reden tot paniek. De darmen schijnen een soort hortend en stotend weer tot leven te komen in plaats van in één keer.

Antibiotica.
Sommige dierenartsen zullen routinematig een konijn met darmimmobiliteit antibioticum geven, om de wildgroei van Clostridium tegen te gaan (bijv. met metronidazol), of om een secundaire bacterie geen kans te geven (bijv. met Baytril). Hoewel preventieve maatregelen best vaak op hun plaats zijn, is toch enige terughoudendheid met het geven van antibiotica gewenst. Er komen steeds meer tegen bepaalde antibiotica resistente bacteriën, waardoor een behandeling steeds moeilijker wordt. Pas wanneer het konijn symptomen heeft die wijzen op een bacteriële infectie (waardoor misschien de darmen niet meer bewegen) moet een antibioticum gebruikt worden, niet eerder.


De oorzaak achterhalen.
Zodra het konijn hersteld is van de darmimmobiliteit wordt het tijd de oorzaak van de ziekte te achterhalen. Krijgt het konijn wel voldoende vezels? Krijgt het misschien teveel lekkere "snoepjes"? (Steeds meer "gezond snoep" voor konijnen verschijnt op de markt. In werkelijkheid ondermijnt dit snoep de gezondheid ipv dat het de gezondheid bevordert).
Heeft het konijn soms te grote kiezen, of "haakjes" aan de kiezen, of een kaakontsteking? Is er sprake van een onderliggende infectie of andere ziekte die zoveel stress veroorzaakt dat de darmen er mee gestopt zijn?- De darmimmobiliteit kan een eerste aanwijzing zijn dat er iets anders loos is. Wanneer het konijn weer hersteld is van de darmimmobiliteit, maar toch nog ‘ziekig’ is, is het tijd om eens een bloedonderzoek te doen of röntgenfoto’s te laten maken, of op een andere manier een diagnose te (laten) stellen.

Wanneer gedurende de herstelperiode van het konijn zijn temperatuur regelmatig gemeten wordt, kan vastgesteld worden of het konijn homeostatisch stabiel is. Gebruik overigens altijd een plastic thermometer, die kan namelijk niet afbreken, en meet altijd de anale temperatuur.

 

                                 

 

Deze ligt normaal tussen de 38.5 en de 39.5O C. Een hogere temperatuur dan 39,5OC

 

betekent (te) veel stress of een infectie, en in het laatste geval moet natuurlijk direct de dierenarts ingeschakeld worden. Eigenlijk is een temperatuur lager dan 38.OC erger dan een beetje verhoging. Een abnormaal lage

 

lichaamstemperatuur kan duiden op een shock of een infectie die doorgebroken is naar de bloedbaan. Wanneer de lichaamstemperatuur onder de 37,5OC ligt, is er sprake van een extreem noodgeval! Pak dan het konijn in

 

tussen met warm water gevulde flessen of kruiken en ga zo snel mogelijk naar de dierenarts!

Voorkomen is beter dan genezen.

Een beter medicijn dan voorkomen bestaat er niet. Zorg ervoor dat het konijn altijd voldoende (vers) hooi heeft, geef speciale konijnenbiks, die voor minstens 14-16% uit ruwvezels bestaat. Zorg er ook voor dat het konijn altijd vers, schoon drinkwater heeft. Denk er aan dat een konijn meer drinkt uit een waterbakje dan uit een drinkfles. Geef daarnaast het konijn dagelijks voldoende groenvoer. En vergeet niet dat loslopen, rennen en spelen minstens net zo belangrijk is. De beweging versterkt niet alleen de botten en spieren van het konijn, maar stimuleert ook de darmwerking en de stoelgang als geheel. Controleer tenslotte het konijn regelmatig op afwijkingen of veranderingen in zijn/haar gedrag of eetpatroon. Dit is bij een binnenkonijn beter in de gaten te houden dan bij een buitenkonijn! Als je het niet vertrouwt, schakel dan een dierenarts in!


 

 

 

Darmslijmvliesontsteking en darmvergiftiging

 

veroorzaakt door antibiotica. 

 

                                                   

 

Waarom moet uw dierenarts opletten als hij ervoor kiest uw konijn te behandelen met antibiotica en welke antibiotica zijn niet aan te raden om bij konijnen te gebruiken?

Veel antibiotica beschadigen de normale gezonde darmflora wat dan weer kan leiden tot verstoring van de darmflora met darmslijmvliesontsteking als gevolg, of tot darmvergiftiging en/of diarree, wat dodelijk kan zijn voor het konijn.

Ziekten worden veroorzaakt wanneer een teveel aan pathogene (ziekmakende) bacteriën gif produceren die de blindedarm en de maagpoort beschadigen, en/of andere lichaamssystemen infecteren.

Clostridium spiroforme, een bacterie die normaal in kleine hoeveelheden in het achterste darmgedeelte van het konijn leeft, is de meest voorkomende oorzaak van darmvergiftiging, deze bacterie produceert een gif dat te vergelijken is met het gif dat botulisme en voedselvergiftiging veroorzaakt. E.Coli en andere ziekmakende bacteriën kunnen zich verder ook snel vermenigvuldigen en de oorzaak van ziekte zijn.

Niet alle antibiotica geven problemen, alleen de antibiotica die de darmflora beïnvloeden. Deze antibiotica doden de normale gezonde bacteriën in de blindedarm en in de maagpoort. De meeste van deze gezonde bacteriën leven in een omgeving zonder zuurstof.

De kans op darmslijmvliesontsteking en darmvergiftiging door antibiotica is groter wanneer het oraal (in de mond) wordt toegediend dan wanneer het wordt geïnjecteerd.

Een koolhydraatrijk dieet (suikers, zetmeel, zoals graan en bloem maar ook suikerrijk fruit zoals druiven en bananen) verhogen de kans op darminfectie. Dit komt doordat koolhydraten de normale darmflora uit balans brengen en omdat de Clostridium spiroforme bacteriën koolhydraten nodig hebben om hun gif te kunnen maken.
Een vezelrijk dieet (hooi), zal de kans op veranderingen in de darmflora door antibiotica verkleinen omdat vezels de darmbeweging stimuleren.

Antibiotica in de macroliden groep (o.a. clindamycin, erythromycin en lincomycin), de penicilline familie (o.a. ampicilline en amoxicilline) maar ook verschillende andere antibiotica kunnen bij konijnen darmslijmvliesontsteking veroorzaken.
Minder waarschijnlijk maar wel mogelijk is het dat antibiotica van de cefalosporinen groep voor problemen zorgen.

De kans op problemen van met sulfa bereide medicijnen en met antibiotica uit de quinolonen groep (bijv. Baytril) is te verwaarlozen.

Een konijn heeft een darmslijmvliesontsteking bij één of meer van de volgende symptomen:
- niet eten of drinken, onverschilligheid, met gasgevulde buik, buikpijn, diarree (met of zonder bloed) en als er helemaal geen keutels zijn.

Darmslijmvliesontsteking en darmvergiftiging worden behandeld door de darmbeweging te stimuleren, o.a door eten en drinken onder dwang naar binnen te krijgen. Hierdoor wordt de groei van pathogene (ziekteverwekkende) bacteriën geremd en het produren van gif verminderd, en wordt de groei van de normale darmflora gestimuleerd.

Het voorkomen van uitdroging en dus het op peil houden van de normale vochtbalans is uiterst belangrijk. Electrolytische oplossingen (zout-suikeroplossingen) worden vaak onderhuids ingespoten of met een spuitje via de mond gegeven.

Darmwerking bevorderende medicijnen (zoals in Nederland vaak Primperan of Presulsid) en een vezelrijk dieet, desnoods via dwangvoeren, hebben meestal het beste resultaat.
Cholestyrine, een hars die zich aan het bacteriële gif hecht, heeft vaak goede resultaten.

Antibiotica hebben een beperkte waarde bij het behandelen van de ziekte en worden meestal slechts als ondersteuning gebruikt.

Voorkomen van darmvergiftiging hangt af van een goede woonomgeving en het voorkomen van stress. Geef een dieet met niet minder dan 16% vezels en hooi van een goede kwaliteit, terwijl plotselinge veranderingen in het dieet voorkomen moeten worden.

Spenende konijnen moeten vanaf 3 weken voedsel (inclusief hooi) gekregen hebben, vroeg of geforceerd spenen (bij de moeder weghalen) moet voorkomen worden.